‘AI moet je aanpakken als een veelkoppig monster’
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Ziekenhuizen investeren volop in kunstmatige intelligentie. AI-toepassingen vinden steeds vaker hun weg naar de praktijk – van diagnostiek tot spraaktoepassingen - en het aantal organisaties met een AI-strategie of -beleid groeit snel. Toch blijft het opschalen van succesvolle pilots naar organisatiebrede toepassingen een grote uitdaging. Volgens Wouter Gude, principal adviseur bij M&I/Partners en medeopsteller van de AI Monitor Ziekenhuizen 2026, ligt de oorzaak inmiddels niet meer bij de technologie zelf. "AI is het probleem niet meer. Je zult AI moeten organiseren."
Dat is een opvallende conclusie, zeker omdat AI de afgelopen jaren zo sterk is ontwikkeld. Maar waar de aandacht eerst vooral uitging naar de mogelijkheden van de technologie, verschuift de discussie volgens Gude steeds meer naar vraag hoe ziekenhuizen AI duurzaam kunnen inpassen in hun organisatie.
Die conclusie sluit aan bij de AI Monitor Ziekenhuizen 2026, die zoals de voorgaande rapporten over dit onderwerp de organisatorische volwassenheid van Nederlandse ziekenhuizen onderzocht. Nog steeds blijkt geen enkel ziekenhuis alle voorwaarden op orde te hebben om AI breed en succesvol toe te passen (zie ook pg 48-49).
Volgens Gude schuilt de grootste uitdaging in wat hij een 'veelkoppig monster' noemt. "AI-readiness is het centrale begrip op het moment voor veel organisaties. Het gebrek eraan is de onderliggende reden waarom veel AI-pilots falen of niet schalen. Na acht jaar AI Monitor wordt duidelijk: AI is nog relatief klein, het groeit snel en naarmate het groeit komen er complexere vraagstukken naar boven in een technologisch zeer veranderlijke wereld. AI-technologie ontwikkelt exponentieel sneller dan organisaties dat kunnen."
Maar die technologie is dus niet zozeer het probleem. Het veelkoppige monster bestaat volgens Gude uit veel meer dan technologie. Visie, strategie, governance, data, infrastructuur, financiering, AI-geletterdheid, verandermanagement en cultuur beïnvloeden elkaar voortdurend. Wanneer één van die onderdelen onvoldoende ontwikkeld is, heeft dat direct gevolgen voor de inbedding van AI. “Dit alles – van visie tot AI-geletterdheid – zijn communicerende vaten: het zijn benodigde succesfactoren die elkaar positief en negatief kunnen beïnvloeden. Als een ervan ontbreekt, zul je AI nooit optimaal gaan gebruiken."
Daarmee verschuift AI volgens Gude van een technisch innovatievraagstuk naar een organisatievraagstuk. Veel ziekenhuizen beschikken inmiddels over leveranciers, data scientists en geschikte AI-toepassingen. De echte uitdaging ligt volgens hem elders.
"Je zult AI moeten organiseren. AI-technologie zelf is het probleem niet meer. Hij is niet volwassen, maakt fouten, maar het werkt. Er zijn voldoende leveranciers, je hebt data scientists die een toepassing met data kunnen voeden."
Volgens Gude ontbreekt in veel organisaties nog een essentiële schakel: het vermogen om zorgprocessen opnieuw te ontwerpen vanuit de mogelijkheden die AI biedt. Daar gaat het volgens hem regelmatig mis. "Veel organisaties missen ontwerpers die zorgprocessen kunnen opzetten waar AI logisch onderdeel van uitmaakt. Zodat je de technologie niet toevoegt aan bestaande processen. Daar wordt zorg alleen maar duurder van. Het gaat om het echt anders inrichten van werkzaamheden zoals consulten."
Het gevolg: AI wordt nu nog te vaak ingezet om bestaande werkwijzen sneller uit te voeren, terwijl de grootste winst juist ontstaat wanneer organisaties bereid zijn hun processen fundamenteel opnieuw in te richten. "Te vaak wordt er gekozen voor de makkelijke variant: automatiseren wat eerst handmatig gebeurde. Maar dan zet je AI niet optimaal in en blijft de toegevoegde waarde beperkt. Ja, je wint wat tijd, maar je gaat de zorg niet echt verbeteren."
Die omslag vraagt volgens Gude vooral om een andere manier van denken over zorgprocessen en organisatieontwikkeling. Daar ligt de volgende stap voor ziekenhuizen die AI duurzaam willen inzetten om de zorg echt te verbeteren.
Volgens Gude betekent AI-ready worden overigens niet dat ziekenhuizen eerst jarenlang beleid moeten ontwikkelen voordat de eerste AI-toepassing in gebruik kan worden genomen. Organisaties moeten volgens hem tegelijkertijd ervaring opdoen met AI én bouwen aan de organisatorische voorwaarden die nodig zijn om succesvolle toepassingen uiteindelijk op te schalen.
"Dus niet eerst een volledige strategie met bijbehorend beleid ontwikkelen voordat je aan de eerste pilot begint. Het betekent dat je met twee sporen werkt. Je begint al kleinschalig met AI-pilots om kennis en ervaring op te doen, waarmee je de uitwerking van visie, beleid en ontwerp voedt, om dat terug te vertalen naar je volgende AI-pilots."
"AI, met al zijn complexe vraagstukken, vraagt om een delicate balans tussen snelheid en beheersbaarheid"
Die wisselwerking is volgens hem essentieel. AI ontwikkelt zich simpelweg te snel. Organisaties die wachten totdat alle beleidsstukken zijn afgerond, lopen achter de feiten aan. Tegelijkertijd leidt ongebreideld experimenteren zonder duidelijke visie volgens hem tot een verzameling losse pilots die nooit verder komen dan lokaal succes.
In dat licht spreekt Gude over een voortdurende zoektocht naar balans. AI verandert razendsnel, terwijl ziekenhuizen tegelijkertijd te maken hebben met wet- en regelgeving, informatiebeveiliging, financiering, verandermanagement en de dagelijkse zorgpraktijk. Al die factoren moeten voortdurend op elkaar worden afgestemd. "AI, met al zijn complexe vraagstukken, vraagt om een delicate balans tussen snelheid en beheersbaarheid."
Volgens hem zullen organisaties de komende jaren dan ook onvermijdelijk blijven struikelen. Dat hoort bij innovatie. Wel ziet hij een belangrijke verandering ten opzichte van enkele jaren geleden. "Volgens een recent MIT-rapport slaagt nog altijd 95 procent van alle AI-pilots niet of niet helemaal. Onze Monitor toont hetzelfde. Dat verandert pas als organisaties niet langer op dezelfde manier AI blijven invoeren als dat ze al eerder gedaan hebben. Doen ze dat wel, dan blijft het kop of munt of een pilot succes heeft, en blijf je steken in de pilotfase."
Het tweesporenbeleid vraagt, aldus Gude, om een lange adem. Organisaties moeten investeren in de basis, ook wanneer de resultaten daarvan niet direct zichtbaar zijn. "Op je gezicht gaan hoort bij innovatie, maar het bewustzijn groeit dat je als organisatie AI-ready moet zijn. De positieve effecten zullen langzaam doordruppelen. Dat maakt het ook vaak lastig, want die lange adem staat haaks op de wens tot snel resultaat."
Daarbij komt dat AI zich volgens hem blijft ontwikkelen. Niet alleen de technologie verandert snel, ook wetgeving, marktomstandigheden en leveranciers kunnen plotseling veranderen. Juist daarom moeten ziekenhuizen volgens hem geen starre organisatie optuigen, maar een flexibel raamwerk ontwikkelen dat nieuwe ontwikkelingen kan opvangen.
Is Gude ondanks alle uitdagingen optimistisch? Ja, maar niet zonder kanttekeningen. "Ik ben positief over de veranderbereidheid. Ik zie echt dat het landelijke beeld verschuift. Dat zien we al langer en komt nu op de voorgrond te staan. Er is duidelijk sprake van een professionaliseringsslag, van leren van eerdere fouten."
Tegelijkertijd maakt hij zich zorgen over de veranderbekwaamheid van organisaties. "Veel organisaties willen toch alles zelf doen en de benodigde expertise is schaars. Een coördinator die dat veelkoppige monster kan temmen, is zelfs superschaars. Er worden toch nog heel veel wielen heruitgevonden en samenwerken blijft lastig."
Volgens Gude verklaart dat ook waarom zoveel AI-projecten technisch succesvol zijn, maar uiteindelijk stranden zodra ze onderdeel moeten worden van de dagelijkse praktijk. " Voorbij de muren van de eigen organisatie kijken is heel belangrijk, kennis en ervaringen uitwisselen. Zo voorkom je dat je zelf herhaalt wat elders al geprobeerd is."
De boodschap van Gude is duidelijk. De komende jaren zal het succes van AI in ziekenhuizen steeds minder afhangen van de volgende technologische doorbraak en steeds meer van de vraag of organisaties erin slagen AI tot onderdeel te maken van hun strategie, processen en cultuur. Niet de pilot, maar de manier waarop organisaties het veelkoppige AI-monster weten in te bedden bepaalt uiteindelijk of de technologie structureel bijdraagt aan betere en toekomstbestendige zorg.
De AI Monitor Ziekenhuizen 2026 laat zien dat Nederlandse ziekenhuizen steeds serieuzer werk maken van kunstmatige intelligentie. Tegelijkertijd blijkt dat de organisatorische randvoorwaarden nog lang niet overal op orde zijn.
Enkele belangrijke conclusies:
Lees ook het artikel ‘AI in ziekenhuizen: van technische naar organisatorische uitdaging’ op pagina 48-49.