Gericht doseren: de kunst van regie op databeschikbaarheid
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Databeschikbaarheid heeft in Nederland inmiddels veel mee. Er is wetgeving, er zijn subsidies, er zijn afsprakenstelsels, routekaarten, regionale initiatieven en landelijke programma’s. Denk aan Wegiz, IZA-transformatiemiddelen, VIPP 5, Babyconnect, SET, InZicht, Twiin, Mitz, ZORG-AB en CumuluZ. Allemaal belangrijk. Allemaal goed bedoeld. En toch stellen we al jaren dezelfde vraag: waarom gaat het niet sneller?
Het ongemakkelijke antwoord is dat het probleem steeds minder technisch is. De technologie is er vaker dan we denken. Standaarden ook. De echte uitdaging zit in keuzes maken, richting houden en organiseren dat iedereen zich daaraan houdt. Interoperabiliteit is geen technische prestatie. Het is bestuurlijke discipline.
Daar zit precies de spanning. Op papier versnellen al die initiatieven de beweging. In de praktijk concurreren ze om dezelfde mensen: dezelfde CMIO, CNIO, informatiemanager, leverancier, projectleider en zorgprofessional. Absorptievermogen is een schaarse grondstof. Je kunt die niet eindeloos belasten, ook niet met goede bedoelingen.
Daarom moet de vraag bij elk nieuw initiatief niet alleen zijn: is dit belangrijk? Maar ook: is dit afgestemd, versnelt het dezelfde richting op, of gaat het ten koste van iets anders? Die vraag stellen we nog te weinig expliciet. Terwijl juist daar regie begint.
De vergelijking met het buitenland is interessant als spiegel. De Nationale visie en strategie zet databeschikbaarheid, vertrouwen en regie al nadrukkelijk in samenhang neer.1 Wegiz geeft een wettelijke route voor verplichte elektronische gegevensuitwisseling.2 Twiin lijkt in opzet op TEFCA in de VS: geen centrale databank, maar een afsprakenstelsel dat bestaande netwerken via gezamenlijke spelregels verbindt.3,4
Denemarken laat zien wat bestuurlijke bundeling kan doen: Digital Health Denmark brengt vanaf 2027 onder meer sundhed.dk, de Danish Health Data Authority, MedCom en nationale IT-oplossingen samen in één organisatie, gezamenlijk eigendom van gemeenten, regio’s en staat.5
Finland dan: dat laat met Kanta zien wat minder vrijblijvendheid betekent: publieke aanbieders moeten gegevens opslaan in nationale archiefdiensten; private aanbieders moeten aansluiten wanneer zij systemen gebruiken voor cliënt- en patiëntgegevens.6
De les is niet dat Nederland de praktijken uit Denemarken, Finland of de VS moet kopiëren. De les is dat bouwstenen pas gaan werken als rollen, volgorde en naleving strak genoeg zijn georganiseerd. Nederland beweegt in die richting. Nu is de opgave om minder naast elkaar te organiseren en scherper te doseren wat de sector tegelijk aankan.
Databeschikbaarheid vraagt dus niet om minder ambitie. Integendeel. Het vraagt om de discipline om ambitie uitvoerbaar te maken. Niet door steeds iets nieuws toe te voegen, maar door scherper te kiezen, beter te doseren en langer vast te houden aan wat gezamenlijk is gekozen. En databeschikbaarheid vraagt niet om nóg meer beweging, maar om beweging in dezelfde richting.