Programma

Nieuws
31 mei 2019
Artikel delen

VR-therapie kan mensen met psychose uitkomst bieden

De inzet van psychotherapie op basis van virtual reality (VR) zou kunnen helpen om het tekort aan psychotherapeuten voor mensen met een psychose te verminderen. Dat stelt de Groningse psychiatriehoogleraar Wim Veling in de Volkskrant. Veling reageert op conclusies uit een rapport van de Vereniging voor Gedrags- en Cognitieve therapieën (VGCt) over ernstige tekorten in de zorg voor patiënten met psychoses.

Tags

Deel dit artikel

In totaal zou Nederland bijna 100.000 mensen tellen met een bepaalde vorm van psychose, waarbij mensen bijvoorbeeld wanen hebben of stemmen horen. Behandeling met psychotherapie kan bij deze mensen effectief zijn en overlast voor de samenleving verminderen.

Uit het vrijdag te publiceren rapport Praten naast pillen van de VGCt blijkt echter dat circa 75.000 patiënten met psychoses niet de zorg krijgen die ze volgens specialisten nodig hebben. Dit wordt bevestigd door Zorginstituut Nederland. Staatssecretaris Paul Blokhuis stelt in een reactie in de Volkskrant dat hij het onderzoek een ‘opvallend en zorgelijk signaal’ vindt. “Ik wil snel van GGZ-bestuurders en professionals horen hoe zij dit beoordelen.”

Baat bij psychotherapie

Volgens een landelijke richtlijn hebben deze mensen, bij wie het contact met de werkelijkheid vervaagt, veel baat bij psychotherapie. Medicatie alleen werkt vaak onvoldoende. Volgens veel studies zou psychotherapie een wezenlijk onderdeel vormen van de behandeling van psychoses en klachten verminderen, Hallucinaties, achterdocht en angst nemen af en veel patiënten kunnen de draad van het leven weer oppakken.

Volgens klinisch psycholoog en onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam David van den Berg, verantwoordelijk voor de studie waarop het rapport is gebaseerd, kan een gebrekkige behandeling buitengewoon ernstige gevolgen hebben. Vaak raakt het leven van mensen met een psychose leven ontwricht, met gevolgen voor hun omgeving. In een enkel geval vormen psychotische patiënten niet alleen en gevaar voor zichzelf, maar ook voor anderen.

De belangrijkste oorzaak dat zij geen of te weinig psychotherapie krijgen, is een gebrek aan behandelaars. De psychologen die er wel zijn, laten zich vaak afschrikken door de complexe problematiek waar de patiënten mee kampen en denken dat er bij deze groep weinig winst te behalen valt. Van den Berg noemt dit verouderde opvattingen die stammen uit de tijd dat patiënten alleen medicatie kregen.

De niet bij het rapport en daaraan verbonden studie betrokken Groningse psychiatriehoogleraar Wim Veling spreekt over treurige conclusies. Hij vindt het buitengewoon belangrijk dat patiënten met psychotische stoornissen psychotherapie krijgen. Ook in Groningen lukt het niet om hiervoor psychologen warm te krijgen.

Hulp via VR-therapie

Wim Veling en zijn collega’s onderzoeken in hoeverre of virtual reality-therapie uitkomst biedt. Hierbij worden patiënten met behulp van een VR-bril een wereld binnengeloodst waar ze worden geconfronteerd met hun angsten. “Bij deze behandelingen heb je waarschijnlijk minder psychologen nodig”, aldus Veling in de Volkskrant. “En het bespaart tijd omdat je niet met de patiënt de straat op hoeft.”

VR-therapie wordt in de GGZ al steeds vaker toegepast, zo bleek al in 2017. Zo worden mensen met bijvoorbeeld PTSS of angststoornissen effectiever worden met VR als ondersteunend element, aldus Martine van Bennekom, psychiater bij GGZ Delfland. Een groot voordeel van VR-toepassingen is volgens Van Bennekom dat patiënten met een VR-bril in de veiligheid van de spreekkamer blootgesteld worden (exposure) aan een wereld die grote gelijkenissen vertoont met de echte wereld, ofwel een veel meer gecontroleerde omgeving. De verwachting is dat VR de doorlooptijd van diverse psychiatrische behandelingen korter maakt en de kwaliteit ervan verbetert.

Om het personeelstekort in de GGZ aan te pakken zou gebruik moeten worden gemaakt van e-health toepassingen en vermindering van de administratieve lasten. Dat stelde Brancheorganisatie GGZ Nederland in februari naar aanleiding van een reeks maatregelen om calamiteiten beter te onderzoeken. GGZ Nederland maakt zich al langer ernstig zorgen over het tekort aan personeel in de geestelijke gezondheidszorg. Voor psychiaters, GZ-psychologen en klinisch psychologen lopen de tekorten de komende jaren op tot 15 procent en voor verpleegkundigen tot ruim 10 procent.

Gebrek aan actueel medicatie-overzicht

Toezichthouder Zorginstituut Nederland vermoedt verder dat de veelal voorschreven antipsychotica die mensen met een psychose krijgen, niet altijd conform de richtlijnen verstrekt worden. Hier wordt momenteel onderzoek naar gedaan. Zo houden instellingen niet altijd het voorgeschreven actuele medicatieoverzicht bij.

Aan gebrekkige administratie liggen ook vaak gebrekkige informatiesystemen ten grondslag, of een te hoge administratieve werkdruk als gevolg van niet met elkaar communicerende systemen. Onlangs werd bekend dat 107 ggz-instellingen gebruik gaan maken van de subsidieregeling VIPP GGZ.

Staatssecretaris Paul Blokhuis (VWS) liet in 2018 weten dat hij het programma wilde opzetten om digitalisering van gegevensuitwisseling in de ggz te versnellen, vergelijkbaar met het VIPP-programma voor ziekenhuizen, OPEN voor de eerstelijns zorg en VIPP Care (InZicht) voor de langdurige zorg. De staatssecretaris stelde november vorig jaar 45 miljoen euro beschikbaar om betere gegevensuitwisseling in de geestelijke gezondheidszorg, meer medicatieveiligheid en betere beschikbaarheid van e-health voor elkaar te krijgen.

Tags

Deel dit artikel

Mis niks en ontvang de spannendste ontwikkelingen