Vergeet de techniek, focus op de zorgverlener
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Slimme e-healthoplossingen bieden voor zorginstellingen volop kansen, maar er zijn ook valkuilen. Waar moet je op letten als je nieuwe mogelijkheden overweegt in te zetten? Begin klein en let goed op de voordelen en de gebruiksvriendelijkheid voor zorgverleners. Zij zijn de grote succesfactoren.
E-health is in opmars, maar eigenlijk nog heel pril. Zeker als we over vijf jaar terugkijken en de verwachte impact realiteit is geworden. Die opmars is logisch, want e-health biedt volop kansen voor de uitdagingen in de zorgsector. Zoals het vergroten, of minimaal waarborgen, van zorgkwaliteit terwijl de zorgkosten dalen. Nieuwe technologie kan daarbij helpen. Zeker nu consumenten, en daarmee zorgvragers en zorgverleners, daarvoor openstaan en technische innovaties steeds sneller omarmen. Denk aan populaire stappentellers, smartwatches en andere wearables om de eigen gezondheid te monitoren.
“Consumenten en zorgvragers nemen steeds meer de regie over hun gezondheid,” zegt zorgconsultant Daphne Doorduijn van Zetacom. “Nieuwe technische oplossingen zullen daar steeds meer en breder aan bijdragen: van preventie naar monitoring en diagnose tot en met ondersteuning bij de nazorg. Een belangrijk doel daarbij is om de zelfstandigheid van zorgvragers zoveel mogelijk te waarborgen. Daarbij zijn zorgverleners minder vaak nodig dankzij bijvoorbeeld meer selfcare en extramurale ondersteuning, gefaciliteerd door nieuwe technologie.”
De mogelijkheden zijn enorm en worden de komende jaren op steeds meer gebieden zichtbaar. Denk aan de inzet van slimmere en kleinere sensoren die langer meegaan. Daarmee worden steeds meer gegevens verzameld, die met behulp van kunstmatige intelligentie leiden tot snellere en betere inzichten en ondersteuning.
“Maar de kunst is vooral om eerst langs de technische mogelijkheden te kijken naar de behoeften van zorgvragers en de effecten op de werkomgeving van zorgverleners. Zorgverleners hebben een sleutelrol bij succesvolle inzet van e-healthoplossingen. Zij moeten de voordelen zien én ervaren. Nieuwe technologie moet vooral gebruiksvriendelijk zijn in de uitvoering. Dat is de succesfactor, maar ook een valkuil,” schetst commercieel directeur Erik Rieken van Zetacom.
Hoe moeten zorginstellingen omgaan met die uitdaging? Begin klein en kies stap voor stap voor een evolutionaire ontwikkeling, adviseert Rieken. “Dat is belangrijk voor het draagvlak bij zorgverleners en zorgvragers en bovendien overzichtelijker voor investeringen. Daarnaast is het vooral belangrijk om te kunnen ervaren en ontdekken welke oplossingen voor jouw organisatie echt goed werken. Begin dus veilig met kleine experimenten in de organisatie.”
Wat werkt, kan later worden uitgebouwd. Zo groeit het draagvlak en hoeven toekomstige oplossingen niet eerst compleet op de tekentafel te worden afgerond. Schets eerst de contouren.
Doorduijn: “Kijk goed hoe een nieuwe oplossing het werk van zorgverleners beïnvloedt en optimaal kan ondersteunen. Soms zijn daarvoor slechts kleine aanpassingen nodig in werkprocessen of systemen. Ook daarvoor moet draagvlak groeien. ‘Het gaat nu toch goed’, is vaak de eerste en heel logische menselijke reactie. Het belang en de voordelen moeten daarvoor eerst goed zichtbaar en ervaren worden.”
Rieken vult aan: “Wees voorzichtig met het argument van kostenbesparing. Dat is zeker een factor, maar er zijn meestal veel meer voordelen en argumenten die voor zorgverleners zwaarder wegen.”
Feedback van gebruikers is cruciaal om nieuwe oplossingen goed te ontwikkelen, in te passen en door te ontwikkelen. Daar moeten zorginstellingen en hun partners goed op letten. Dat geldt bij e-health en eigenlijk voor alle zorgsystemen. Daarom werkt Zetacom met zorgconsultants, zoals Doorduijn. Deze consultants hebben zelf allemaal een achtergrond als uitvoerende in de zorg.
“Daardoor kunnen wij de impact van bepaalde werkprocessen en technische hulpmiddelen op de werkvloer beter inschatten en weten wij hoe processen en tools het best benut kunnen worden. Doordat we de praktijk kennen, kunnen wij ook meer waardevolle feedback verzamelen bij gebruikers dan bijvoorbeeld een technische specialist die verder van de uitvoering afstaat.”
Samen met systeemarchitecten en engineers kijken de zorgconsultants hoe technische hulpmiddelen het best kunnen worden ingepast in werkprocessen. “Of waar juist kleine procesaanpassingen nodig zijn,” zegt Doorduijn. “Door goede inpassing hoeven niet complete systemen vervangen te worden en worden werkprocessen en technische hulpmiddelen optimaal afgestemd op de eigen bedrijfsvoering.”
Omdat zorginstellingen nu vaak nog niet weten hoe zij e-health daadwerkelijk gaan benutten, is het verstandig om bij de eerste stappen mogelijkheden voor de toekomst open te houden. Zodat nieuwe kleine stappen ook daadwerkelijk organisch kunnen worden uitgebouwd.
Rieken zegt hierover: “Daarvoor moet je voldoende flexibiliteit behouden en je niet vroegtijdig opsluiten in systemen. Bijvoorbeeld door te kiezen voor bepaalde slimme sensoren, waarmee je vervolgens bent aangewezen op specifieke systemen. Met dat soort keuzes kun je nu al rekening houden. Bijvoorbeeld wanneer het IT-netwerk en de basisinfrastructuur worden aangepast.”
“Kies hiervoor ook altijd een partner die bij jou past, je flexibiliteit waarborgt en technische kennis combineert met diepgaande kennis van de zorgpraktijk. Want met de opmars van technologie in de zorg worden goede partners en duurzame samenwerking steeds belangrijker.”