Toekomstvisie en strategie bij Alrijne Zorggroep met AI
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Alrijne Zorggroep ontwikkelde met inhoudelijke ondersteuning van MedicalPHIT een visie en strategie op het gebied van AI. Zorgorganisaties hebben geen toekomst meer zonder AI, is de overtuiging van CIO Ivo van der Klei. In samenhang met digitalisering en robotisering kan AI oplossingen bieden voor de grote uitdagingen waar de zorg voor staat.
Voor Van der Klei is het een logische stap dat Alrijne Zorggroep nu een visie en strategie op AI heeft ontwikkeld. “Ik zie AI als een soort volgende fase van digitalisering en robotisering”, zegt hij. “AI kan ons veel gaan brengen in het toegankelijk houden van de zorg en ondersteunende processen. Het is bedoeld als hulpmiddel om het werk eenvoudiger en leuker te maken. En het is een antwoord op het probleem van het groeiende personeelstekort in de zorg. Dit geldt zowel voor de handen aan het bed als voor de ondersteunende diensten.”
Van der Klei is zich zeer bewust van het feit dat mensen AI voor de zorg als een hype kunnen zien. “Ik herken wat zij zeggen”, reageert hij. “Bij de pilots die wij zelf doen zie ik ook dat mensen soms heel hoge verwachtingen hebben. Daarom is het belangrijk om the human in the loop te houden. Zeker in primaire processen, zoals het beoordelen van röntgenbeelden. Waar het om zorgtoepassingen gaat, staat AI vaak nog in de kinderschoenen. Maar dat is niet erg. Bij de overgang van papier naar digitaal zagen we precies hetzelfde. Nu gaan verslagen en foto’s automatisch naar het dossier van de patiënt. Zo zal het binnenkort ook gaan met het via AI verwerken van patiëntafspraken en poliplanning, verwacht ik.”
Ruben Baauw, senior consultant bij MedicalPHIT, herkent dit goed. “We hebben op de gebieden van digitalisering, robotisering en AI al meer ontwikkelingen gezien waar in het begin sceptisch naar werd gekeken, maar die uiteindelijk toch hun meerwaarde bewijzen”, zegt hij. “Robotic Process Automation (RPA) bijvoorbeeld. “Net als het voorbeeld dat jij aanhaalt.”
Daarom kijkt Van der Klei ook met belangstelling naar de ontwikkelingen op het gebied van robotisering. “We weten bijvoorbeeld dat een deel van ons schoonmaakpersoneel binnenkort met pensioen gaat en moeilijk vervangbaar is”, zegt hij. “Dan is het logisch om naar de mogelijkheid van schoonmaakrobots te kijken. Maar ik kijk ook naar robotica voor onze verpleeghuizen. Sociale robots kunnen daar een slimme oplossing zijn voor een groeiend personeelsprobleem. Waarbij natuurlijk ook discussie over de ethische aspecten hoort. Vervangt zo’n oplossing een mens?” Die discussie is van twee kanten te benaderen, vindt Baauw: “Is het minder ethisch een robot te laten terugpraten tegen een thuiswonende oudere dan iemand van de thuiszorg die nauwelijks tijd voor de patiënt heeft? Wat heeft de grotere meerwaarde?”
'Er moet ook ruimte zijn voor dingen die mislukken'
Maar – zonder aan de ethische discussie voorbij te gaan – zegt Van der Klei toch geen toekomst zonder AI meer te zien voor zieken- en verpleeghuizen. “Ik zie het, net als digitalisering en robotisering, als essentieel onderdeel van hoe we zorg en ondersteuning gaan bieden”, zegt hij. “Zonder technologie kunnen we ook niet meer. Ik denk dat systemen steeds slimmer gaan worden en daarmee gemeengoed. Vergelijk het maar met de smartphone. Eerst vroegen we ons af wat we met dat ding moesten. Nu kunnen we zonder die smartphone geen bankzaken meer doen of de parkeerkosten betalen. Dergelijke ontwikkelingen worden zo gewoon dat we er afhankelijk van worden. Ik zie dat niet als bedreigend.”
De visie en strategie op het gebied van AI – ontwikkeld met inhoudelijke ondersteuning van MedicalPHIT – maakt het Alrijne Zorggroep mogelijk de vele ideeën die binnen de organisatie leven op dit gebied te kanaliseren. “Dit begint met iedereen in de organisatie bewust maken van de kansen die AI biedt”, vertelt Van der Klei. “Belangrijk daarbij is duidelijk te maken dat AI geen banen van mensen gaat overnemen, maar hen juist gaat ondersteunen. Sinds 1 januari hebben we een projectleider AI, die afkomstig is uit de wereld van de AI-oplossingen en die hierin een belangrijke ondersteunende rol speelt. Ook hebben we vanuit het managementteam akkoord om dit uit te breiden naar aan AI-centrum binnen de organisatie.”
In de ontwikkeling is bewust gekozen voor een positie als fast moving follower. “We zijn een van de zes regionale ziekenhuizen die hiervoor samenwerken met het LUMC. Dit stelt ons in staat om snel van elkaar te leren en te komen tot de toepassingen die echt meerwaarde hebben. Wellicht is het dan ook interessant om die op termijn gezamenlijk in te kopen.” Baauw benadrukt hierbij het belang van post-market surveillance. “Je wilt voorkomen dat je iets implementeert dat over zes maanden of een jaar obsoleet is”, zegt hij. “De industrie wil nog wel eens modellen ontwikkelen die niet regelmatig geüpdatet of bijgetraind worden. Om een model goed te laten functioneren, ben je dan in sommige gevallen genoodzaakt een abonnement af te sluiten of nieuwe versies te kopen.”
Ook dit laatste onderstreept het belang van de visie en strategie. “Hiermee kunnen we medewerkers zeggen: hier staan we voor”, zegt Van der Klei. “We hebben ook spelregels opgesteld over wat AI ons moet brengen, als basis voor hun experimenteren. Wat wil je uitproberen? Wat zie je als de potentiële meerwaarde ervan? Is het bewezen technologie? Is het koppelbaar met het patiëntendossier? Daarmee wil ik beslist geen ‘nee-club’ worden in plaats van een innovatiegroep op het gebied van AI, maar het is nu eenmaal belangrijk duidelijke richtlijnen te bieden voor het experimenteren met AI door medewerkers. Binnen die grenzen willen we ze vooral ruimte bieden om dingen te proberen. Waarbij er ook ruimte moet zijn voor dingen die mislukken. Dat is niet erg, als er maar van wordt geleerd.”
In die aanpak is Alrijne Zorggroep redelijk uniek, weet Baauw. “In andere zorginstellingen zien we nog wel eens dat laaghangend fruit wordt geïmplementeerd zonder dat vanuit de top duidelijk wordt gemaakt wat de organisatie ermee wil bereiken. Dan zie je toch weerstand ontstaan.” Dat wil Alrijne Zorggroep voorkomen. “We willen juist breed draagvlak creëren”, zegt Van der Klei. De workshops die ik zelf geef en waarin ik mensen bijvoorbeeld leer om binnen een kwartier zelf een chatbot binnen AI te bouwen helpen daarbij. Als dat lukt, haal je de angst weg en laat je zien dat AI ook leuke dingen kan bieden.”
De interesse onder medewerkers is groot. “Er zijn heel veel ideeën”, zegt Van der Klei. “Speech-to-text natuurlijk. Maar ook pilots op afsprakenplanning, integrale capaciteitsplanning en de beoordeling van mamma-röntgenfoto’s. In dat laatste geval geeft het vooral een kwaliteitsslag. Afgezien daarvan denk ik dat AI vooral goed is in heel snel oplossingen bieden voor logistieke problemen.” Tegengeluiden van medewerkers zegt hij nog niet te hebben gehoord. “Dat heeft veel te maken met het feit dat de raad van bestuur en het managementteam eensgezind zijn in de boodschap: ga het maar proberen”, zegt hij. “Dan merken ze vanzelf dat dingen nog niet perfect zijn, maar dat hoeft ook niet. Mijn eigen secretaresse merkte dat bijvoorbeeld direct bij notuleren via AI. Maar als dit tachtig procent van dit werk ondervangt zodat ze nog maar twintig procent zelf hoeft te doen, heeft het toch al meerwaarde.”
Er is een routekaart ontwikkeld voor de vervolgstappen en het tijdpad daarvoor. “Eindverantwoordelijk voor het vullen daarvan wordt waarschijnlijk de manager IT”, zegt Van der Klei. “Maar ik kan me voorstellen dat dit op termijn een nieuwe functie wordt, een CAIO (Chief AI Officer). Met de ontwikkelingen op AI-gebied ontstaan natuurlijk nieuwe functies binnen de organisatie. En dat is ook waardevol, want het maakt ons een volwaardige gesprekspartner voor externe partijen. Het zorgt ervoor dat we de materie begrijpen en de juiste vragen kunnen stellen.”