Een speciaal zorgpad voor patiënten met spontane coronaire arteriële dissectie (SCAD) leidt tot minder ingrepen en minder onnodig medicijngebruik, zonder dat dit ten koste gaat van de veiligheid. Dat blijkt uit onderzoek van het LUMC, gepubliceerd in het Netherlands Heart Journal. Naast een terughoudende medische behandeling speelt binnen het zorgpad ook multidisciplinaire nazorg een belangrijke rol.
SCAD is een zeldzame hartaandoening die ongeveer negen keer vaker voorkomt bij vrouwen dan bij mannen. Vaak treft de aandoening verder gezonde vrouwen tussen de 40 en 50 jaar. Zij hebben doorgaans niet de bekende risicofactoren voor een hartinfarct, zoals hoge bloeddruk, verhoogd cholesterol, diabetes, overgewicht of een rookgeschiedenis.
Klachten zoals pijn op de borst of tussen de schouderbladen, kortademigheid, zweten en duizeligheid kunnen plotseling ontstaan. Omdat het risicoprofiel afwijkt, worden deze symptomen volgens interventiecardioloog Ibtihal Al Amri niet altijd direct met een hartprobleem in verband gebracht.
Andere oorzaak vraagt om andere behandeling
Een klassiek hartinfarct ontstaat meestal doordat een kransslagader als gevolg van aderverkalking verstopt raakt. Bij SCAD is het mechanisme anders. Er ontstaat een scheur of bloeding in de vaatwand van een kransslagader. Daardoor kan zich bloed tussen de verschillende lagen van de vaatwand verzamelen, waardoor het bloedvat vernauwt en de bloedtoevoer naar het hart vermindert.
Die andere oorzaak vraagt ook om een andere behandeling. Een SCAD kan in veel gevallen vanzelf genezen. Een ingreep of intensieve medicamenteuze behandeling is daarom niet altijd nodig en kan zelfs nadelen hebben. Toch werden SCAD-patiënten volgens de onderzoekers lange tijd op vergelijkbare wijze behandeld als patiënten met een klassiek hartinfarct. Daardoor kregen zij bijvoorbeeld medicatie tegen een hoge bloeddruk of een verhoogd cholesterol terwijl daar niet altijd een medische aanleiding voor was.
Het LUMC ontwikkelde daarom een specifiek SCAD-zorgpad. Daarbinnen staat een terughoudende behandelstrategie centraal. Een stent wordt alleen geplaatst wanneer dat noodzakelijk is en medicatie wordt afgestemd op de individuele patiënt.
Multidisciplinaire nazorg
Het zorgpad beperkt zich niet tot de acute behandeling. Cardiologen werken samen met onder anderen vaatartsen, revalidatieartsen, fysiotherapeuten en psychologen. Daarbij wordt ook gekeken naar mogelijke onderliggende factoren, zoals hormonale veranderingen en afwijkingen aan bloedvaten.
Daarnaast is er veel aandacht voor de psychologische gevolgen van een onverwacht hartinfarct. Juist omdat SCAD vaak gezonde en fitte vrouwen treft, kan het vertrouwen in het eigen lichaam sterk afnemen. Sommige patiënten worden na het infarct bijvoorbeeld terughoudend om opnieuw te bewegen.
Goede uitleg over de aandoening en begeleiding tijdens het herstel zijn daarom vaste onderdelen van het zorgpad. In samenwerking met Basalt Revalidatie krijgen patiënten revalidatie op maat, waarbij dagelijkse activiteiten geleidelijk en gecontroleerd worden opgebouwd. Daarbij is aandacht voor zowel lichamelijk herstel als mentale gezondheid.
Minder stents en onnodige medicatie
Het LUMC onderzocht de afgelopen jaren de resultaten van deze aanpak. Patiënten die volgens het SCAD-zorgpad werden behandeld, kregen minder vaak een stent en minder medicatie waarvoor geen duidelijke noodzaak bestond.
Tegelijkertijd waren de uitkomsten na een jaar vergelijkbaar met die van patiënten die gebruikelijke zorg ontvingen. Er werden geen extra complicaties gezien. Volgens de onderzoekers leek bovendien de kans op een nieuwe SCAD kleiner, al is nader onderzoek nodig om dergelijke effecten verder te beoordelen.
De resultaten ondersteunen daarmee een terughoudende en op SCAD toegespitste aanpak, waarin niet alleen de behandeling van het acute hartprobleem centraal staat, maar ook het herstel daarna. Het LUMC hoopt dat het zorgpad naar aanleiding van de onderzoeksresultaten ook door andere zorginstellingen wordt overgenomen.
AI-model voor herkennen hart- en vaatziekten
Vorig jaar werd een AI-model ontwikkeld dat kan helpen om vrouwen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten eerder te identificeren aan de hand van een ECG. Voor de ontwikkeling analyseerden onderzoekers meer dan één miljoen ECG’s van ongeveer 180.000 patiënten, onder wie 98.000 vrouwen.
Het algoritme bepaalt in hoeverre een ECG overeenkomt met patronen die kenmerkend zijn voor mannen of vrouwen. Vrouwen met een ECG dat sterker overeenkwam met het typische mannelijke patroon, hadden gemiddeld grotere hartkamers en meer hartspiermassa. Zij bleken bovendien een significant hoger risico te hebben op hart- en vaatziekten, hartfalen en hartinfarcten dan vrouwen met een meer typisch vrouwelijk ECG. Sommige vrouwen hadden zelfs een hoger risico dan de gemiddelde man.
Volgens de onderzoekers kan AI zo meer inzicht bieden in sekseverschillen bij hartziekten en mogelijk bijdragen aan eerdere herkenning en gerichtere behandeling van vrouwen met een verhoogd cardiovasculair risico.
Referenties
LUMC (onderzoek)
Voeg ICT&health toe aan Google
Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.