Nederlandse Gen Z’er zet steeds vaker technologie in voor gezondheid

wo 7 oktober 2026 - 10:30
Nederlandse Gen Z’er zet steeds vaker technologie in voor gezondheid
Onderzoek
Nieuws

Smartwatches, fitnessapps en AI-tools spelen een groeiende rol in hoe Nederlandse jongvolwassenen met hun gezondheid omgaan. Van deze groep gebruikt 83 procent technologie om bijvoorbeeld beweging, slaap of andere gezondheidsgegevens bij te houden. Daarnaast raadpleegt 19 procent AI-tools voor gezondheidsinformatie. Dat blijkt uit onderzoek van Ipsos in opdracht van Herbalife onder 8.000 jongvolwassenen in acht Europese landen. Voor de totale onderzoeksgroep liggen deze percentages op respectievelijk 81 en 22 procent.

Gezond ouder worden houdt Gen Z’ers (18-29 jaar) steeds meer bezig. Bijna de helft van de Nederlandse respondenten uit het onderzoek (49%) denkt minstens enkele keren per week na over ouder worden of hun toekomstige gezondheid, tegenover 42 procent van alle deelnemers.

Om hun gezondheid op langere termijn te ondersteunen, besteden Nederlandse Gen Z’ers vooral aandacht aan stress en mentaal welzijn (36%), ontspanning (33%) en slaap (33%). Verder probeert 26 procent alcoholgebruik of ongezonde gewoonten te verminderen. Ook uit andere studies blijkt dat alcoholgebruik onder Gen Z’ers afneemt.

In de totale groep staan stressbeheersing, ontspanning en slaap eveneens bovenaan, elk met 34 procent, gevolgd door gezonder eten (31%). Slechts 6 procent van de Nederlanders onderneemt geen actie voor de toekomstige gezondheid, tegenover 5 procent in alle acht landen samen.

Regelmatig gebruik nog beperkt

Het brede gebruik van gezondheidstechnologie betekent niet dat iedereen er dagelijks mee bezig is. In Nederland gebruikt 27 procent technologische hulpmiddelen regelmatig, 37 procent soms en 19 procent zelden. Het aandeel regelmatige gebruikers is gelijk aan dat van de totale onderzoeksgroep. De 83 procent omvat dus ook respondenten die soms een smartwatch, fitnessapp of ander meetapparaat gebruiken.

Nederlandse deelnemers bekijken hun meetgegevens vaker actief dan het gemiddelde: 59 procent volgt deze regelmatig of consequent, tegenover 53 procent in de totale groep. Het gaat bijvoorbeeld om stappen, hartslag, slaapscore en calorieën. Voor 41 procent van de Nederlanders werkt deze informatie motiverend, tegenover 32 procent van alle deelnemers.

Tegelijkertijd zegt een kleiner aandeel Nederlandse Gen Z’ers hun gewoonten structureel aan te passen op basis van de gegevens: 17 procent in Nederland, tegenover 22 procent in de totale onderzoeksgroep. Meer meten gaat daarmee niet vanzelfsprekend samen met meer gedragsverandering. Het is niet duidelijk waarom Nederlandse Gen Z’ers hier een stuk lager scoren (bericht gaat verder onder infographic).

AI als informatiebron

Bijna één op de vijf Nederlandse deelnemers gebruikt AI-tools zoals ChatGPT, Gemini of Claude voor informatie en advies over gezondheid en welzijn. Dat is iets minder dan de 22 procent in de totale groep. Vooral Turkije valt op: daar raadpleegt 36 procent dergelijke hulpmiddelen. In de overige onderzochte landen ligt het gebruik rond één op de vijf.

Het vertrouwen in AI blijft in alle gevallen nog achter bij dat in professionele en wetenschappelijke bronnen. Van de Nederlandse deelnemers die AI als informatiebron gebruiken, vertrouwt 61 procent de verstrekte gezondheidsinformatie grotendeels of volledig. Voor alle acht landen samen is dat 64 procent. Professionele en wetenschappelijke bronnen (bijvoorbeeld Thuisarts.nl in Nederland) genieten meer vertrouwen: 82 procent in Nederland en 83 procent in de totale groep. Deze cijfers hebben overigens alleen betrekking op gebruikers van de betreffende bronnen, niet op alle deelnemers.

Nieuwe toepassingen

Ook voor nieuwe gezondheidsoplossingen bestaat belangstelling. Van de Nederlandse deelnemers overweegt 78 procent ten minste één van de voorgelegde oplossingen te proberen, tegenover 81 procent van de totale groep. Geavanceerde wearables trekken 27 procent van de Nederlanders; gepersonaliseerde voeding op basis van DNA 26 procent. In de totale groep is dat voor beide toepassingen 29 procent. Genetische tests voor toekomstige gezondheidsrisico’s trekken daar de meeste belangstelling (30%). Voor alle duidelijkheid: het onderzoek beschrijft gebruik, belangstelling en zelfgerapporteerd gedrag; het toont niet aan dat deze toepassingen de gezondheid verbeteren.

Onderzoeksopzet

Ipsos voerde het onderzoek van 26 juni tot en met 10 juli 2026 online uit in opdracht van Herbalife. Er namen 8.000 mensen van 18 tot en met 29 jaar deel, telkens 1.000 in Nederland, Polen, Turkije, Kroatië, Roemenië, Spanje, Frankrijk en Italië. Bij de steekproeven werden quota gehanteerd voor leeftijd, geslacht en regio.

Voeg ICT&health toe aan Google

Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.

Toevoegen aan Google

Ook dit onderwerp krijgt een prominente plek tijdens de ICT&health World Conference 2027. Wil je erbij zijn en niets missen? Reserveer dan tijdig je ticket.