Onderzoekers van het UMC Utrecht zetten een belangrijke stap in de strijd tegen uitgezaaide dikke darmkanker. Uit drie nieuwe studies blijkt dat organoïden goed kunnen voorspellen hoe iemand op behandeling reageert. Ook bieden de organoïden nieuwe inzichten in waarom sommige tumoren resistent zijn tegen therapie. Door organoïden te gebruiken, kunnen behandelingen veel meer worden gepersonaliseerd en nieuwe behandelingen worden ontwikkeld die die aansluiten bij de specifieke kenmerken van de tumor.
Organoïden zijn kleine, in het laboratorium gekweekte kopieën van een patiënttumor. Arts-onderzoeker bij het UMC Utrecht, Lidwien Smabers, legt uit hoe het werkt: “We nemen een klein stukje tumorweefsel van een patiënt en kweken daar mini-tumoren van, organoïden. Op deze organoïden testen we standaardbehandelingen om hun waarde als voorspeller van patiëntrespons op chemotherapie en doelgerichte behandeling te evalueren.”
Drie studies
De eerste studie, gepubliceerd in Clinical Cancer Research, richt zich op het voorspellen van behandelrespons bij chemotherapieën zoals 5-FU en oxaliplatine. Smabers benadrukt dat eerdere studies bij oxaliplatine tegenstrijdige resultaten lieten zien. Ze legt uit dat uit hun onderzoek blijkt dat de reactie van organoïden sterk overeenkomt met de veranderingen in tumorgrootte op CT-scans en met de overleving van patiënten, wat een belangrijke stap vormt om behandelingen beter op de individuele patiënt af te stemmen.
De tweede studie, in iScience, onderzoekt waarom sommige tumoren resistent worden tegen een behandeling. Uit het onderzoek blijkt dat organoïden van eerder behandelde patiënten specifieke mutatiepatronen vertoonden die geassocieerd zijn met resistentie tegen chemotherapie. Deze bevindingen bieden inzicht in waarom sommige tumoren ongevoelig worden en vormen aanknopingspunten voor het ontwikkelen van nieuwe behandelingen die gericht zijn op resistente tumoren.
Genetische afwijkingen
De derde publicatie, inOncogene, gebruikte uitgebreide DNA-analyse (whole genome sequencing) om behandelbare genetische afwijkingen te identificeren. Bij bijna de helft van de patiënten vonden ze nieuwe targets die met standaarddiagnostiek niet werden gevonden. Met deze informatie kunnen ze patiënten gerichter behandelen en de kans op succes van therapieën vergroten.
Volgens onderzoeksleider Jeanine Roodhart laten de studies zien hoe ze de patiënt letterlijk in het lab kunnen brengen: “Het uiteindelijke doel is dat elke patiënt de behandeling krijgt die het meest effectief voor hem of haar is. Ze laat weten dat patiënten met uitgezaaide darmkanker vaak beperkte behandelopties hebben. En door beter te begrijpen welke therapieën werken en waarom sommige tumoren resistent zijn, kunnen ze volgens Roodhart uiteindelijk effectievere behandelingen ontwikkelen én de kans op bijwerkingen verminderen.
Het onderzoek bouwt voort op de OPTIC- en RASTRIC-studies en er doen zowel perifere als academische ziekenhuizen in Nederland mee: Haaglanden en Meander Medisch Centrum, Maastricht UMC+, Radboud UMC en het UMC Utrecht. Dit brede netwerk vergroot volgens de onderzoekers de toepasbaarheid van de resultaten in de dagelijkse praktijk.
Biobank
Het UMC Utrecht heeft inmiddels een biobank van meer dan 500 organoïden van dikke darmkanker, waarmee onderzoekers toekomstige patiënten kunnen matchen met organoïden die het meest lijken op hun tumor. Roodhart vertelt dat er dan niet van iedere patiënt een eigen mini-tumor te worden gemaakt. Op die manier kunnen ze in het lab testen of een behandeling waarschijnlijk effectief is, voordat ze deze aan de patiënt wordt gegeven.
Hoewel de eerste testresultaten veelbelovend zijn, behoort de methode nog niet tot de standaardzorg. Volgens Smabers is de test op dit moment nog te uitgebreid, tijdrovend en kostbaar om breed in het ziekenhuis toe te passen. Om daar te komen, moet het proces eerst sneller en eenvoudiger worden ingericht. Tegelijkertijd laten de studies zien dat er reële mogelijkheden zijn om behandelingen verder te personaliseren en patiënten gerichter te ondersteunen.
Steunen
Het UMC Utrecht roept op tot steun voor onderzoek naar darmkanker. Met donaties kunnen onderzoekers verdere stappen zetten in het verbeteren van behandelingen en het vergroten van de overlevingskansen van patiënten. Geïnteresseerden kunnen voor meer informatie terecht op de website van de UMC Utrecht Wilhelmina Kinderziekenhuis Foundation of telefonisch contact opnemen via 088 756 1010.
Begin 2024 schreven we ook over de ontwikkelen van ORCAU. Omdat bij medisch onderzoek er steeds vaker gebruik wordt gemaakt van organoïden, richtte het Amsterdam UMC hiervoor een centrum op om het werk aan organoïden te bundelen: het ORCAU. Ze lieten weten dit te doen om te vooromen dat allerlei onderzoeksgroepen opnieuw het wiel uitvinden in het proces van organoïden.