Robots nemen steeds meer taken over in de ziekenhuisapotheek. Dat kan medewerkers ontlasten en medicatieprocessen beter controleerbaar maken. Maar voor veilige medicatiezorg moeten ook gegevens betrouwbaar meebewegen met de patiënt, zo benadrukte Gerard Hugenholtz, ziekenhuisapotheker bij het Diakonessenhuis, in ICT&health 3, 2026. Behalve om robotisering vraagt dat om standaardisatie en betere digitale communicatie tussen zorgverleners.
De toenemende zorgvraag maakt veranderingen noodzakelijk, stelt Hugenholtz. Oudere patiënten hebben vaker meerdere aandoeningen en gebruiken verschillende geneesmiddelen, waardoor het risico op interacties, bijwerkingen en fouten groeit. Tegelijkertijd zijn er minder apothekersassistenten en verpleegkundigen beschikbaar.
“Als we blijven werken zoals we altijd hebben gedaan, loopt het systeem vast. We hebben simpelweg niet genoeg mensen om de toenemende zorgvraag op te vangen. Daarom moeten we slimmer werken.”
Kwaliteitsverbetering voorop
Voor Hugenholtz staat bij robotisering de kwaliteitsverbetering voorop. Robots kunnen bijvoorbeeld medicatierollen vullen, kant-en-klare spuiten bereiden en verpakkingen controleren. Door deze stappen digitaal vast te leggen, wordt het medicatieproces bovendien beter traceerbaar. Dat helpt bij kwaliteitscontroles en terugroepacties.
Medewerkers krijgen zo meer tijd en ruimte om klinisch mee te denken, risico’s te signaleren en patiënten te begeleiden. Die verandering vraagt wel om na te denken voorbij de aanschaf van apparatuur: werkprocessen moeten opnieuw worden ingericht en teams moeten hierin worden meegenomen.
In het Diakonessenhuis vormen nieuw geïnstalleerde bereidingskasten voor cytostatica (geneesmiddelen die de deling van cellen remmen of kankercellen doden) met een scherm zo’n stap naar verdere digitalisering. Het ziekenhuis wil uiteindelijk het hele proces van voorschrijven tot toedienen digitaal ondersteunen.
Overdracht data blijft kwetsbaar
Binnen het ziekenhuis zijn de afgelopen vijftien jaar losse programma’s voor het medicatieproces geïntegreerd in het overkoepelende ziekenhuissysteem. De overdracht naar andere zorgverleners blijft volgens Hugenholtz echter kwetsbaar. Verschillende systemen kunnen leiden tot incomplete medicatielijsten, dubbelingen en gemiste interacties.
“De afgelopen jaren hebben we enorme stappen gezet met landelijke standaarden en betere koppelingen. Maar we zijn er nog niet. Pas als alle schakels in de keten dezelfde taal spreken, kunnen we echt veilig werken.”
Het landelijke Programma Medicatieoverdracht moet bijdragen aan een actueel medicatieoverzicht voor alle betrokken zorgverleners. Dat is belangrijk wanneer patiënten wisselen tussen ziekenhuis, huisarts, openbare apotheek, verpleeghuis en thuiszorg. De ziekenhuisapotheker heeft daarbij steeds nadrukkelijker een rol in het bredere zorgnetwerk: zorgen dat medicatie-informatie beschikbaar, correct en actueel blijft.
Dit artikel gemist? Lees het in ICT&health 3, 2026 en in ons online magazine.
Voeg ICT&health toe aan Google
Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.