Wearables en social media veranderen artsenbezoek in de VS

do 9 juli 2026 - 15:50
Conceptueel beeld van een geavanceerde smartwatch met een holografisch gezondheidsdashboard voor preventieve zorg
Monitoring in de zorg
Nieuws

Steeds meer patiënten verschijnen bij hun arts met gezondheidsgegevens van een smartwatch of informatie die zij op sociale media of internet hebben gevonden. Twee nieuwe onderzoeken van de Yale School of Medicine laten zien dat wearables en online gezondheidsinformatie een steeds grotere rol spelen in de spreekkamer. Dat biedt kansen voor meer betrokken patiënten, maar stelt zorgverleners ook voor nieuwe uitdagingen. De studies zijn gepubliceerd in JAMA Network Open en JAMA.

Volgens de onderzoekers verschuift de relatie tussen arts en patiënt steeds meer van een eenrichtingsverkeer naar een dialoog. Patiënten brengen niet alleen vragen mee, maar ook eigen meetgegevens en informatie die zij zelf hebben verzameld. Daarmee groeit de behoefte aan zorgprofessionals die deze gegevens kunnen duiden en op een verantwoorde manier kunnen integreren in de behandeling.

Sterke groei wearable gebruik

Slimme horloges, smart rings en andere wearables worden al jarenlang gebruikt om onder meer hartslag, slaap, beweging en voeding te monitoren. Deze apparaten leveren continu gegevens op over de gezondheid van gebruikers, in plaats van alleen informatie tijdens een bezoek aan de huisarts of specialist. Uit een enquête onder ruim 17.000 Amerikaanse volwassenen blijkt dat het gebruik van wearables is gestegen van ongeveer 30 procent in 2020 naar 41 procent in 2024. De meeste gebruikers geven aan bereid te zijn de verzamelde gegevens met hun arts te delen. In de praktijk gebeurt dat echter slechts bij een klein deel van de patiënten.

Volgens de onderzoekers komt dit vooral doordat zorgorganisaties nog onvoldoende zijn ingericht op het verwerken van patiëntgegenereerde data. Klinische werkprocessen en het ontbreken van gestandaardiseerde procedures maken het voor zorgverleners lastig om gegevens uit wearables eenvoudig te ontvangen en te gebruiken tijdens de behandeling. De onderzoekers benadrukken dat de potentie van deze technologie pas volledig kan worden benut wanneer gezondheidsdata eenvoudig kunnen worden verzameld, geïntegreerd en geïnterpreteerd binnen de bestaande zorgprocessen.

Sociale media beïnvloeden medische keuzes

In een tweede onderzoek analyseerden de onderzoekers het gebruik van gezondheidsinformatie op sociale media onder ruim 7.000 Amerikaanse volwassenen. Daaruit blijkt dat één op de vijf socialemediagebruikers een beslissing over zijn of haar gezondheid heeft genomen op basis van informatie die online werd gezien. Opvallend genoeg geeft de meerderheid van de respondenten tegelijkertijd aan gezondheidsinformatie op sociale media niet volledig te vertrouwen. Volgens de onderzoekers laat dit zien dat informatie mensen kan beïnvloeden, ook wanneer zij zich bewust zijn van het risico op onjuiste of misleidende berichten.

Daarnaast blijkt dat oudere volwassenen weliswaar minder vaak sociale media gebruiken dan jongere groepen, maar juist relatief vaker aangeven dat online informatie invloed heeft gehad op hun gezondheidskeuzes. Dat onderstreept volgens de onderzoekers dat de mate van blootstelling aan sociale media niet automatisch samenhangt met de invloed die deze informatie uiteindelijk heeft.

Nieuwe rol voor zorgprofessionals

De onderzoekers zien sociale media niet uitsluitend als een bron van desinformatie. De platforms kunnen ook inzicht geven in de gezondheidsvragen die leven onder patiënten en laten zien waar kennis ontbreekt. Dat kan aanknopingspunten bieden voor betere gezondheidscommunicatie. Volgens de onderzoekers veranderen zowel wearables als sociale media de dynamiek van het consult. Waar medische informatie vroeger vooral van arts naar patiënt stroomde, brengen patiënten tegenwoordig zelf gegevens, inzichten en vragen mee naar de spreekkamer.

Daarmee groeit ook de noodzaak voor zorgprofessionals om patiëntgegenereerde data op waarde te schatten en patiënten te begeleiden bij het interpreteren van online gezondheidsinformatie. De onderzoekers concluderen dat zorgorganisaties hun werkwijzen zullen moeten aanpassen om optimaal gebruik te maken van deze nieuwe informatiebronnen en tegelijkertijd de risico's van misinformatie te beperken.

Wearable metingen niet altijd betrouwbaar

De groei van het gebruik van wearables biedt nieuwe mogelijkheden voor gepersonaliseerde zorg, maar de interpretatie van de verzamelde gegevens blijft een uitdaging. Onderzoek van de Universiteit Leiden, vorig jaar, onder bijna achthonderd smartwatchgebruikers laat zien dat metingen van mentale toestanden, zoals stress, vaak niet overeenkomen met hoe gebruikers zich daadwerkelijk voelen. De onderzoekers vergeleken smartwatchdata met zelfrapportages die deelnemers vier keer per dag invulden en vonden slechts beperkte overeenkomsten, vooral bij stressmetingen.

Volgens de onderzoekers missen wearables cruciale context: een verhoogde hartslag kan bijvoorbeeld zowel door stress als door enthousiasme worden veroorzaakt. Daarom is het volgens hen misleidend om wearabledata als volledig objectief te beschouwen. Binnen het WARN-D-onderzoeksprogramma benadrukken zij dat gegevens van wearables waardevol zijn, maar altijd gecombineerd moeten worden met zelfrapportages. Alleen die combinatie levert een betrouwbaarder en completer beeld op van iemands mentale gezondheid.

Referenties

Jama Network Open (Onderzoek)

Jama (Publicatie)


Ook dit onderwerp krijgt een prominente plek tijdens de ICT&health World Conference 2027. Wil je erbij zijn en niets missen? Reserveer dan tijdig je ticket.