AI lijkt in hoog tempo de Nederlandse ziekenhuiszorg te veroveren. Waar kunstmatige intelligentie jarenlang vooral werd ingezet voor diagnostiek en wetenschappelijk onderzoek, verschuift de aandacht steeds nadrukkelijker naar toepassingen die zorgprofessionals ondersteunen bij verslaglegging, administratie, communicatie en logistiek.
De verwachtingen zijn hoog: AI moet bijdragen aan lagere administratieve lasten, efficiëntere zorgprocessen en meer tijd voor de patiënt. Tegelijkertijd laten twee recente onderzoeken zien dat juist de volgende stap - het structureel opschalen van succesvolle toepassingen - veel lastiger is dan het ontwikkelen van nieuwe pilots.
Die conclusie komt naar voren uit zowel de AI Monitor Ziekenhuizen 2026 van M&I/Partners uit maart van dit jaar als de recente whitepaper De weg naar volwassen AI in de zorg van IG&H (de links naar de onderzoeken staan onderaan het artikel). Hoewel beide onderzoeken een andere invalshoek kiezen, schetsen ze een vergelijkbaar beeld. Nederlandse ziekenhuizen investeren steeds meer in AI en boeken aantoonbare vooruitgang, maar het realiseren van blijvende organisatiebrede impact is vooralsnog weerbarstig.
Vaste voet aan de grond
Dat ziekenhuizen AI steeds serieuzer nemen, blijkt uit verschillende ontwikkelingen. Volgens de AI Monitor beschikt inmiddels bijna de helft van de ziekenhuizen over een uitgewerkte AI-visie en -strategie, terwijl driekwart AI-beleid heeft vastgesteld. Ook hebben veel organisaties AI-boards of regiegroepen ingericht die zich bezighouden met governance, prioritering en naleving van wet- en regelgeving.
De aard van de toepassingen verandert eveneens. Diagnostiek was jarenlang het meest zichtbare domein voor AI, maar inmiddels verschuift de aandacht naar toepassingen die de dagelijkse werkzaamheden van zorgprofessionals ondersteunen. Zo wordt AI steeds vaker ingezet voor administratieve processen, verslaglegging, communicatie en logistiek. Vrijwel alle ziekenhuizen experimenteren daarnaast met generatieve AI, zoals veilige interne varianten van tools zoals ChatGPT en Copilot, spraakgestuurde verslaglegging en AI-ondersteuning bij correspondentie.
Tegelijk blijkt uit de AI Monitor dat de meeste ziekenhuizen weliswaar veel AI-initiatieven hebben, maar dat slechts een klein deel daarvan daadwerkelijk wordt opgeschaald. Ook toepassingen als ambient listening bevinden zich in veel organisaties nog vooral in de pilotfase. Daarmee blijft de gerealiseerde impact vooralsnog achter bij de hoge verwachtingen die ziekenhuizen van AI hebben.
Organisatie bepaalt succes
Volgens IG&H ligt de verklaring daarvoor niet in de technologie zelf. De onderzoekers wijzen juist op organisatorische factoren die succesvolle opschaling in de weg staan. Datakwaliteit blijft een belangrijk aandachtspunt, mede doordat gegevens historisch zijn ingericht om bestaande zorgprocessen te ondersteunen en niet om AI-toepassingen organisatiebreed te voeden.
Ook eigenaarschap blijkt lang niet altijd duidelijk belegd. Wanneer onduidelijk is wie verantwoordelijk is voor beheer, doorontwikkeling en besluitvorming, blijft een succesvolle pilot vaak hangen binnen één afdeling of een kleine groep enthousiaste gebruikers.
Losse toepassingen
Een ander probleem is het opstarten van nieuwe AI-pilots zonder eerst bestaande pilots goed te integreren in processen. “Veel ziekenhuizen starten nieuwe AI-projecten terwijl eerdere initiatieven nog niet structureel zijn verankerd”, stelt Femke Keijzer, Managing Director Healthcare bij IG&H. “Zonder aandacht voor de basis ontstaat stapeling van technologie, terwijl gebruik en opbrengst nauwelijks toenemen.” AI wordt dan toegevoegd aan bestaande werkwijzen, in plaats van dat processen worden heringericht rond de mogelijkheden die de technologie biedt.
Volgens IG&H zijn organisaties die eerst investeren in hun zwakste schakels uiteindelijk beter in staat AI succesvol op te schalen. Dat kan betekenen dat eerst wordt gewerkt aan datakwaliteit, governance, AI-geletterdheid of de betrokkenheid van eindgebruikers, voordat nieuwe toepassingen worden toegevoegd. Ook bestuurlijke betrokkenheid speelt daarbij een belangrijke rol. Organisaties waarin AI expliciet onderdeel is van de bestuursagenda blijken vaker samenhang aan te brengen tussen strategie, uitvoering en investeringen.
Van technologie naar organisatie
Waar M&I laat zien dat ziekenhuizen de afgelopen jaren veel hebben geïnvesteerd in AI-strategieën, AI-beleid en organisatorische randvoorwaarden, probeert IG&H te verklaren waarom verdere groei op veel plaatsen toch stokt. Samen schetsen de studies een sector die de experimentele fase grotendeels achter zich heeft gelaten, maar nog volop zoekt naar manieren om AI duurzaam onderdeel te maken van de dagelijkse zorgpraktijk.
Dat betekent ook dat de discussie verandert. Enkele jaren geleden draaide AI vooral om technologische mogelijkheden en nieuwe toepassingen. Inmiddels verschuift de aandacht naar vragen als: hoe organiseer je eigenaarschap, hoe borg je datakwaliteit, hoe neem je medewerkers mee in veranderingen en hoe bepaal je welke toepassingen daadwerkelijk waarde toevoegen?
De volgende ontwikkelfase draait dan ook minder om het ontwikkelen van nóg meer AI-toepassingen en steeds meer om het creëren van de organisatorische voorwaarden. Zo kunnen succesvolle pilots uitgroeien tot een vast onderdeel van de zorgverlening.
Beide onderzoeken laten dan ook zien dat AI geleidelijk verandert van een technologische innovatie in een bestuurlijk en organisatorisch vraagstuk. Uiteindelijk zal niet de techniek bepalen hoeveel waarde AI toevoegt aan de zorg, maar de manier waarop ziekenhuizen hun organisatie daarop weten in te richten.
Vijf lessen uit twee AI-onderzoeken
- AI is definitief doorgebroken in ziekenhuizen. Vrijwel alle ziekenhuizen werken inmiddels met AI-toepassingen of ontwikkelen daarvoor beleid en strategie.
- De aandacht verschuift van diagnostiek naar ondersteuning van zorgprofessionals. Vooral toepassingen voor verslaglegging, administratie, communicatie en logistiek groeien snel.
- Opschalen blijft de grootste uitdaging. Veel AI-toepassingen leveren lokaal resultaat op, maar groeien niet uit tot organisatiebrede voorzieningen.
- Succes hangt minder af van technologie dan van organisatie. Datakwaliteit, governance, eigenaarschap, AI-geletterdheid en adoptie bepalen steeds vaker of AI daadwerkelijk waarde oplevert.
- De volgende fase vraagt om bestuurlijke keuzes. AI ontwikkelt zich van een innovatieproject naar een vast onderdeel van de strategie en bedrijfsvoering van ziekenhuizen.
In ICT&health 4, die 21 augustus verschijnt, staat een achtergrondartikel over de conclusies uit beide onderzoeken.