‘Digitale transformatie is geen IT-project, maar noeste arbeid’
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Digitale transformatie lijkt vaak simpel samen te vatten in plannen, dashboards en nieuwe technologieën. Maar wie Carlijn de Ruijter - bestuurder bij het Maxima MC - hoort spreken over digitalisering in de zorg, merkt al snel dat haar verhaal ergens anders begint. Niet bij systemen, maar bij mensen.
“Het is geen IT-project,” zegt De Ruijter. “Het is een organisatieverandering. En die win je alleen als je het met mensen doet.” De urgentie voelt zij dagelijks: een groeiende en vergrijzende bevolking, een toenemende zorgvraag en tegelijk een krappe arbeidsmarkt. Patiënten verwachten meer regie, snelle toegang en naadloze digitale ondersteuning.
“Digitalisering moet rust en continuïteit brengen in het werk van zorgprofessionals én ruimte creëren voor vernieuwing,” meent de MMC-bestuurder. “Bij Máxima MC is onze missie helder: wij maken technologie menselijk.”
Carlijns overtuiging is gevormd door een loopbaan die allesbehalve rechtlijnig is: gestart als fysiotherapeut, daarna bijna twintig jaar in de financiële dienstverlening en vervolgens terug in de zorg als bestuurder bij Máxima MC, met vestigingen in Eindhoven en Veldhoven.
“In de zorg wordt digitalisering soms gezien als een bedreiging,” zegt ze. “Maar eigenlijk is het vooral de complexe wet- en regelgeving eromheen die het lastig maakt. Als je digitalisering strategisch en creatief benadert, biedt het juist enorme kansen om de zorg beter en toegankelijker te maken.”
Terug in de zorg viel haar één patroon op: de neiging om digitalisering te benaderen als een overzichtelijk project. “We denken nog heel vaak in A naar B. Projectleiders doen dat, bestuurders doen dat. Maar zo werkt transformatie niet. Als het echt A naar B was, hadden we het al lang gedaan. Je moet als bestuurder kaders stellen en tegelijk ruimte laten om te leren. Dat schuurt en dat is oké.”
Binnen Máxima MC is digitalisering nadrukkelijk gekoppeld aan de ziekenhuisstrategie. De Ruijter spreekt over twee bewegingen die voortdurend in balans moeten blijven: de basis op orde en ruimte voor vernieuwing. “Je kunt het geld maar één keer uitgeven,” stelt ze. “Dus je moet keuzes maken.”
Soms betekent dat investeren in zaken die weinig zichtbaar zijn, maar cruciaal: werkende WiFi, een up-to-date elektronisch patiëntendossier, goede werkplekken en een stevig dataplatform. “Het klinkt niet sexy, maar zonder die basis loopt alles vast.”
Tegelijkertijd waarschuwt De Ruijter dat alleen op de basis focussen geen optie is. “Dan gebeurt er niets nieuws. Digitalisering moet direct voelbaar zijn aan het bed en thuis: slimme elektronisch patiëntendossierverbeteringen, digitale patiëntcommunicatie en AI die processen versnelt of diagnoseondersteuning biedt. Dat geeft zorgprofessionals meer tijd voor mensen en patiënten sneller de juiste zorg.”
Bij die keuzes komt een bekend spanningsveld naar voren: standaardisatie versus maatwerk. De Ruijter is daar helder over: standaardisatie. “Met de beperkte capaciteit en middelen die we hebben, kun je niet overal maatwerk leveren. Dat is niet beheersbaar.” Maar uitzonderingen zijn soms nodig. “Als iets aantoonbaar bijdraagt aan betere uitkomsten of patiëntbeleving, moet je dat gesprek voeren. Het is zelden zwartwit. En het zijn geen puur technische keuzes, maar morele afwegingen die je samen maakt.”
De MMC-bestuurder benadrukt dat goede zorg vraagt om stabiele, veilige en voorspelbare digitale systemen. “We werken met duidelijke kaders en standaarden, monitoren continu en maken prestaties transparant. Dat geeft professionals en patiënten vertrouwen.” Cybersecurity en ethiek horen daar nadrukkelijk bij. “Bescherming van patiëntgegevens is niet onderhandelbaar. En bij AI moet je uitlegbaarheid en zorgvuldigheid organiseren. Alleen dan houden we het vertrouwen.”
Máxima MC bouwt aan een flexibele, schaalbare digitale basis die meebeweegt met de zorgvraag en in samenhang met het strategisch vastgoedplan. “We hanteren een hybride strategie,” legt De Ruijter uit. “Lokale voorzieningen en cloudoplossingen vullen elkaar aan voor robuuste, veilige infrastructuur.” De regio is daarbij cruciaal. “In de Brainportregio werken we steeds meer samen met ziekenhuizen en andere zorgpartners. Die samenwerking maakt ons sterker en bereidt ons voor op de toekomst.”
Volgens De Ruijter zit de grootste uitdaging van digitale transformatie niet in technologie. “De techniek is vaak onze minste zorg. Het echte werk zit in adoptie: processen aanpassen, mensen meenemen, en zorgen dat ze begrijpen wat we doen en waarom.”
'Je kunt het geld maar één keer uitgeven'
Daarom investeert het MMC fors in informatiemanagement, een blijvende key-userorganisatie, digicoaches in teams en een CIO-office waarin zorg en techniek samen sturen. “Met onze afdeling DMT (Digitalisering, Medische Technologie en Klinische Fysica) bouwen we aan een team dat digitale oplossingen begrijpt én toepasbaar maakt samen met zorgprofessionals en externe partners. Uiteindelijk draait het om gedrag. Kies je voor wat je gewend bent, of voor wat beter past bij de patiënt?”
De opkomst van AI maakt die gedragsvraag nog urgenter. “Het voelt alsof we weer in de overgang zitten van het papieren dossier naar het elektronisch patiëntendossier,” stelt De Ruijter. “Dat was ook niet voor iedereen vanzelfsprekend.”
AI biedt kansen in de zorg zelf én om administratieve lasten te verminderen en zorglogistiek te verbeteren. Maar het roept ook vragen op: ‘Wat doe je precies als je zo’n toepassing gebruikt? Snap je dat ook?’ Wij kiezen daarom voor een lerende aanpak, waarin wij als bestuurders ook zelf met AI werken.”
Digitale transformatie stopt niet bij de organisatiegrens. Zonder databeschikbaarheid kun je geen netwerkzorg organiseren, gelooft De Ruijter. “De zorg beweegt richting een toekomst waarin data en AI de zorg ondersteunen en risico's voorspellen. Ook virtuele zorg en telemonitoring zoals Hartfalen@Home, waarbij we patiënten met acuut hartfalen thuis veilig behandelen, wordt steeds normaler. Deze netwerkzorg vraagt om een gedeelde infrastructuur in de regio en liefst landelijk.”
Deze regionale samenwerking vraagt geduld, erkent De Ruijter. “Soms wil je als organisatie sneller, maar moet je wachten op de regio. Als ik mag kiezen, is het regionale belang leidend. Anders komen we als zorg niet duurzaam vooruit.”
De grootste misvatting over digitale transformatie is volgens De Ruijter dat het eenvoudig zou zijn. “Het is noeste arbeid,” zegt ze. “Hard werken, samenwerken en soms je eigen voorkeur loslaten.”
Maar die noeste arbeid stopt niet bij de deur van het ziekenhuis. Momenteel werkt het ziekenhuis hard aan het digitaliseren van de gezamenlijke zorgpaden, zodat patiënten overal in de regio op dezelfde manier geholpen worden. Dit vraagt om transmurale samenwerking, gedeelde protocollen en gezamenlijke digitale infrastructuur.
“Als we in de regio echt één manier van werken hebben voor passende zorg, met dezelfde data, dezelfde taal en dezelfde digitale ondersteuning dán kunnen we doorbouwen,” besluit De Ruijter. “Dat is uiteindelijk waar digitale transformatie naartoe moet: zorg zonder grenzen voor de patiënt.”