Digitaliseringsvisie Gelre ziekenhuizen vooruitstrevend en nuchter
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Met haar digitaliseringsvisie 2030 schetst Gelre ziekenhuizen heel concreet de lijnen naar wat voor organisatie ze in 2030 wil zijn. Dat de ziekenhuisorganisatie al eerder de stap zette naar de cloud biedt nu praktische voordelen. Tegelijkertijd is er ook het nuchtere besef dat goed moet worden gekeken of werken in de cloud wel voor álle bedrijfsonderdelen meerwaarde heeft. Diezelfde nuchterheid is er over de toepassing van AI.
Gelre ziekenhuizen had al in haar strategisch plan 2020-2025 geconstateerd dat de zorg meer datagedreven zou worden. Gericht op bijvoorbeeld ketenzorg, en zorg thuis met monitoring op afstand. Het credo van de nu gepresenteerde digitaliseringsvisie 2030 – thuis waar het kan, digitaal waar het kan en fysiek waar nodig – is een logisch vervolg op dat eerdere strategische plan.
Een van de uitvloeisels van dat strategisch plan was dat Gelre ziekenhuizen in 2022 – als eerste perifere ziekenhuisorganisatie – de stap naar de cloud zette. Een beslissing die deels ingegeven was door het besef dat het door de snelheid van technologische ontwikkelingen en security aspecten steeds ingewikkelder zou worden om zo’n complexe infrastructuur zelf te onderhouden en beheren. Het bood interessante mogelijkheden om dat beheer elders te beleggen. Ook was sprake van ruimtegebrek in het ziekenhuis en paste deze stap bij de ontwikkeling richting regieorganisatie die het ziekenhuis doormaakte, stelt CIO Monique Bosboom. “Het heeft een grote financiële impact gehad, maar we ervaren er nu de voordelen van. Het biedt het platform waarop we onze digitaliseringsvisie kunnen bouwen.”
Inmiddels zijn enkele belangrijke vervolgstappen gezet in het optimaliseren van de cloud-omgeving. “Eén daarvan is scherp kiezen tussen welke capaciteit in de cloud vast beschikbaar moet zijn voor de organisatie en waar we met flexibele capaciteit kunnen volstaan”, zegt Bosboom. “Parallel daaraan hebben we ook de leverancierscontracten onder de loep genomen. De optimalisatieslag daarin heeft ertoe bijgedragen dat we er nu als I&T-organisatie ook financieel beter voorstaan.”
Op dit moment wordt kritisch gekeken naar de vraag of alles wat nu in de cloud is geplaatst ook daar moet blijven. “Dat doen we zeker voor nieuwe applicaties”, vertelt Bosboom. “Applicaties die niet zijn ontworpen en ontwikkeld vanuit een cloudvisie zijn mogelijk inefficiënt in het gebruik van cloud resources en kunnen beter in een meer traditionele opzet worden aangeboden aan de organisatie. Daarnaast zijn overwegingen met betrekking tot het opslaan en uitwisselen van data belangrijk bij dergelijke keuzes.”
De stap die nu wordt gezet, is het ontwikkelen van een duidelijke visie op data. “Die is inderdaad nog in ontwikkeling”, zegt CMIO Boudewijn Kessing. “Wel zijn we recent overgestapt van het SAS- naar het HiX-platform. Daarmee kunnen we in ieder geval al de data uit het HiX-platform in onze business intelligence omgeving gebruiken, wat belangrijk is voor capaciteitsmanagement.”
De kern, stelt hij, is van de beschikbare data bruikbare informatie maken. “Dat is een lastige vertaalslag. Als stap hierin zijn we nu in een klein project aan het inventariseren hoe snel mensen geopereerd worden nadat bij hen galstenen zijn vastgesteld. Er komt nu ruimte voor dit soort initiatieven, en het belang daarvan is dat we met inzicht hierin de kwaliteit van zorg kunnen verbeteren. Onze ambitie reikt ook verder. Het grote voordeel van HiX is dat bijna heel Nederland ermee werkt. Dit betekent dat we alles wat we hier ontwikkelen met andere zorgaanbieders kunnen delen.”
Bij Gelre ziekenhuizen bestaat duidelijk het besef dat de data die het genereert niet alleen van waarde zijn voor het ziekenhuis en de patiënten. Die zijn ook relevant in de afstemming van de zorg tussen de verschillende domeinen in de regio: thuiszorg, eerstelijns zorg, ziekenhuiszorg, langdurige zorg. “Daarin willen wij een trekkende rol hebben”, zegt Bosboom. “We kunnen wel zeggen: wij bedenken en jullie moeten ons volgen. Maar dat doen we dus niet. We willen vanuit samenwerking onze rol pakken. Vanuit de regiopartijen wordt daar positief op gereageerd. We horen dat ze vonden dat Gelre ziekenhuizen eerder minder zichtbaar was, maar nu weer meer zichtbaar aan het worden is.”
'We hebben een duidelijke routekaart voor de komende jaren'
De ruimte die Gelre ziekenhuizen heeft – en dus duidelijk ook wil nemen – om effectief en efficiënt gebruik te maken van de mogelijkheden die digitalisering biedt, berust op vier pijlers: de tevredenheid van de zorgverleners verhogen, de gezondheid van de populatie verbeteren, de ervaren kwaliteit van zorg verbeteren en de zorgkosten verlagen. “Daarin zit een volgordelijkheid maar ook overlap”, vertelt Bosboom. “De prioriteitskeuzes hierin bepalen we Gelre-breed, om ervoor te zorgen dat de capaciteit die we hebben echt wordt ingezet op projecten en programma’s die bijdragen aan het realiseren van de strategie.” De eisen die in het Integraal Zorg Akkoord en de European Health Data Space worden gesteld, zijn hierin een belangrijke leidraad. “In data-uitwisseling gaan we geen projecten doen die haaks staan op de eisen of uitgangspunten die daarvoor nu al bekend zijn”, zegt Bosboom. “Daarop toetsen we.”
Kessing noemde al de nog te ontwikkelen AI-strategie. “Hierin de juiste afwegingen maken, wordt bemoeilijkt door de enorme snelheid van AI-ontwikkelingen”, zegt hij. “Daarom kleuren we nog niet te veel in, maar maken we wel al de organisatie klaar voor AI. We willen zorgen dat medewerkers het veilig en effectief gebruiken. Daarin liggen enorme kansen die we nu nog niet benutten.” Bosboom: “De hele adoptie van AI staat of valt met het vertrouwen erin van de medewerkers. Vertrouwen in de meerwaarde, in correctheid én vertrouwen in gebruik. Zij moeten erin worden opgeleid en meegenomen. Het is echt een organisatieveranderingstraject.”
Een kleine stap die nu wordt gezet om medewerkers aan AI te laten wennen, is onderzoeken hoe het kan ondersteunen in het meedenkadvies; een schriftelijk consult waarin de huisartsen de medisch specialisten om advies kunnen vragen. “Zorgverleners zijn toch een wat conservatieve beroepsgroep”, zegt Kessing. “Ze zullen niet in één keer alle AI-mogelijkheden gaan gebruiken. Maar ze kunnen er wel nieuwsgierig naar worden als we hen ermee kennis laten maken.” Interessant in dit verband is een project dat Gelre ziekenhuizen start op de IC. Bosboom: “Daar worden veel data verzameld. Als we die kunnen gebruiken om de doorstroming te voorspellen, kunnen we die optimaliseren. Dat is interessant uit oogpunt van capaciteitsmanagement. Maar het is ook waardevol voor de OK als die de verwachte beschikbaarheid op de IC kent. Hieraan voorafgaand hebben we een AI-readyness scan laten doen. Daaruit bleek dat we in termen van techniek, data en mindset klaar waren voor deze stap.” Tegelijkertijd wordt ook gekeken of AI wel overal meerwaarde heeft. “We staren ons er niet blind op”, zegt Kessing.
Een bijzonder aandachtspunt is de toenemende twijfel over de afhankelijkheid van Amerikaanse digitaliseringstoepassingen. Dat Gelre ziekenhuizen nu voor veel toepassingen in de cloud werkt, is voor de uitwerking van de digitaliseringsvisie beslist een voordeel. Maar de gekozen cloudtoepassing is wel Azure van Microsoft. “We onderzoeken de what if-scenario’s”, vertelt Bosboom. “Het doel daarvan is vanzelfsprekend om goed voorbereid te zijn op verschillende mogelijke situaties en indien noodzakelijk daar snel op in te kunnen spelen.”
In ieder geval is voor beiden duidelijk dat de nu vastgestelde digitaliseringsvisie niet alleen richtinggevend is voor Gelre ziekenhuizen, maar ook de weg wijst naar de ziekenhuiszorg van 2030. “Alle ziekenhuizen zijn met digitaliseringsvraagstukken bezig”, zegt Bosboom hierover. Kessing vult aan: “Wat sterk is, is dat we echt een heel duidelijke routekaart hebben voor wat we in de komende jaren willen bereiken. Het is een dermate praktisch stuk geworden dat we hiermee echt een duidelijke lijst hebben, die we de komende jaren naast ons beleid kunnen leggen.”