Het HagaZiekenhuis zet op steeds meer poliklinieken AI-gebaseerde spraakherkenning in om gesprekken tussen arts en patiënt automatisch vast te leggen. De technologie moet ervoor zorgen dat artsen tijdens het consult minder hoeven te typen en daardoor meer aandacht aan de patiënt kunnen besteden. Onder meer KNO, Reumatologie, Neurologie, Interne Geneeskunde, Longgeneeskunde, Cardiologie en Kindergeneeskunde werken inmiddels met de digitale assistent.
KNO-arts Jan Pieter Koopman behoort tot de gebruikers. Met toestemming van de patiënt wordt een microfoon ingeschakeld die het gesprek registreert. De AI maakt na afloop een samenvatting. De arts controleert en corrigeert deze voordat het verslag veilig in het elektronisch patiëntendossier (EPD) wordt opgeslagen.
Meer aandacht, nog geen tijdswinst
Volgens Koopman verandert de technologie vooral de dynamiek in de spreekkamer. Doordat hij niet voortdurend hoeft mee te typen, kan hij patiënten meer aankijken en zich beter op het gesprek concentreren. Ook zouden de automatisch gemaakte verslagen volgens het ziekenhuis bijdragen aan completere patiëntendossiers.
De invoering betekent echter nog niet dat artsen automatisch tijd besparen. Koopman ervaart het werk als minder belastend, maar stelt dat de opstart en het aantal benodigde handelingen op de computer er voorlopig voor zorgen dat hij onderaan de streep ongeveer evenveel tijd kwijt is. Het systeem moet volgens hem daarom verder worden vereenvoudigd.
Die ervaring sluit aan bij eerder onderzoek naar zogenoemde ambient AI-scribes. Eerste bevindingen van het Nederlandse RIGH:T Consortium laten zien dat het effect sterk afhankelijk is van het type consult, de bestaande werkprocessen en de organisatie. Ook het controleren van door AI gegenereerde verslagen kost tijd. De onderzoekers benadrukken daarom dat zorgorganisaties toepassingen in hun eigen praktijk moeten testen en valideren.
Spraak-AI in de zorg
Het HagaZiekenhuis staat niet alleen in deze ontwikkeling. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis (JBZ) meldde vorig jaar op basis van een pilot met 52 neurologen, medisch psychologen en longartsen dat het verwacht de registratielast met 15 procent te kunnen verminderen. In januari en februari 2025 maakten de deelnemende zorgprofessionals ongeveer 1.400 transcripties. Volgens het JBZ konden artsen daardoor tijdens consulten meer ontspannen luisteren en konden patiënten gemakkelijker hun verhaal doen.
Ook daar bleek menselijke controle noodzakelijk. Tijdens de pilot varieerden verslagen soms in lengte en werden woorden verkeerd geïnterpreteerd. De toepassing moest aanvankelijk dan ook worden bijgestuurd. De ervaringen waren voor het JBZ wel aanleiding om de inzet uit te breiden naar andere specialismen.
Toestemming en menselijke controle
Bij Haga houdt de patiënt zelf de regie over het opnemen van het gesprek. Zonder toestemming blijft de microfoon uit. Volgens Koopman reageren patiënten tot dusver positief op het gebruik ervan. Het ziekenhuis stelt daarnaast dat de digitale assistent voldoet aan geldende beveiligings- en privacyrichtlijnen.
Menselijke controle blijft een essentieel onderdeel van het proces: de arts beoordeelt de AI-samenvatting voordat deze in het EPD terechtkomt. Dat is relevant omdat onderzoek naar ambient AI-scribes naast mogelijke voordelen ook risico's signaleert, waaronder fouten in de verslaglegging, veranderingen in communicatie tijdens opgenomen gesprekken en het minder actief gebruiken van bepaalde professionele vaardigheden.
Referenties
Voeg ICT&health toe aan Google
Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.