'E-health is de norm'
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Implementatie van e-health vraagt om durf en ruimte’, is de titel van het briefadvies dat de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) begin dit jaar gaf. Zorgaanbieders en zorgverzekeraars worden in het advies opgeroepen in de zorginkoop tot meerjarenafspraken te komen en patiënten te verleiden en te stimuleren e-health te gebruiken. Greet Prins,bestuursvoorzitter van Philadelphia Zorg en lid van de commissie e-health van de RVS, vertelt over het pad daar te komen. Over speelruimte, exploreren en vertrouwen.’
“De grootste barrière voor implementatie van e-health zit in de psychologie van mensen. Ze moeten ineens anders gaan werken, ander gedrag vertonen. Of bijvoorbeeld toestaan dat de regie daadwerkelijk bij de patiënt ligt. Alle andere barrières zijn in feite praktisch en zijn in de komende jaren op te lossen. Met alle nuances die daarbij horen.”
Aan het woord is Greet Prins. Met een achtergrond in de zorgsector en reclamewereld én met ruime bestuurservaring, weet zij als geen ander hoe nudging en verleiding, met ruimte voor alle belangen die er spelen, net dat extra zetje kunnen geven dat nodig is.
Het klinkt misschien vreemd voor mensen die dagelijks met e-health bezig zijn. Maar veel mensen weten nog niet eens van het bestaan ervan.’ Dat is één van de drempels die de raad in het briefadvies benoemt, naast de randvoorwaardelijke barrières, wetgeving en financiën. Uiteraard moet er een ook goede basisinfrastructuur komen. ‘Alles moet met alles gekoppeld kunnen worden. Dat moet verplicht gesteld worden. En wel zo snel mogelijk’, stelt Greet Prins. ‘Daarnaast moeten we werken aan een Hoofdlijnen Akkoord, dat ook gebeurt in het Informatieberaad. Hoe gaan we dit nu samen oppakken? Hoe zetten wij gezamenlijk de mogelijkheden van e-health, robotisering en big data optimaal in?’ Minister Schippers reageerde overigens positief op dit briefadvies, zoals we al eerder schreven op onze website (zie kader).
DIGITALISERING IS NIET DOOR IEDEREEN GEWENST
In het briefadvies stelt de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving dat elk type stakeholder andere drempels ondervindt bij de opschaling van e-health.
“De gebruikers zijn onzeker, kennen het nog niet. Maar dat is een kwestie van tijd. De ervaring leert dat cliënten die e-health toepassen vaak enthousiast zijn en ambassadeurs worden. Maar barrières liggen zeker ook bij zorgmedewerkers zelf. Digitalisering is niet door iedereen gewenst. Het is vaak moeilijk voor gebruikers te bedenken welke voordelen er zijn. Het betekent onzekerheid. Want de inhoud van het werk verandert. Banen kunnen verdwijnen.”
“Wij moeten een antwoord geven op die onzekerheid. Voor ons is het vervolgens de opdracht om te kijken naar legitimatie van die argumentatie. Welke overwegingen spelen een rol bij de stakeholders? Dat er banen kunnen verdwijnen kan bedreigend zijn, maar dat mag ons niet blokkeren. Want wij hebben als zorgsector de opdracht om te kijken wat uiteindelijk het beste is voor de burger, de patiënt, de cliënt. Dat is de opdracht. En niet het in stand houden van werkgelegenheid.”
“Dat betekent bij e-health ook dat we richting die patiënt, cliënt én zorgmedewerker af en toe een doorbraak moeten forceren. Want hoe kan het nou dat iedereen tegenwoordig internetbankiert? Dat 90 procent van de vakanties via internet wordt geboekt? Dat alle opa’s en oma’s aan het WhatsAppen zijn en Facetime gebruiken? Dat kan wel, en dit kan dan ineens niet?”
“Uiteindelijk gaat het om de psychologische barrière die we moeten doorbreken. En dus moet je de keuze voor e-health aantrekkelijker maken. In ons advies hebben wij gezegd: geef de patiënt of cliënt een argument om het te gaan proberen. Een beloning. Als suggestie hebben we meegegeven om bijvoorbeeld controles via de iPad geen effect te laten hebben op het eigen risico. Om zo mensen uit te dagen e-health uit te proberen.”
“Het is nu een kleine groep. Je moet mensen de kans geven het te leren waarderen.”
Psychologische barrières kunnen op allerlei niveaus spelen. “Ja, op alle niveaus. En niet iedereen is aardig”, reageert Prins. “Er kan ook misbruik van worden gemaakt. Maar we kunnen het systeem niet blokkeren vanwege de uitzonderingen. Ik zie het liever andersom. We gaan het wel doen, maar we beseffen ons dat 5 of 10 procent hier misbruik van kan gaan maken. Daar gaan we strakker optreden.”
“We moeten niet vanuit wantrouwen, maar uit vertrouwen handelen. Verander de mindset. Neem regelmatig steekproeven en straf streng bij misbruik. Want hoe mooi is het om met geanonimiseerde data een ziekteverloop beter in kaart te krijgen of medicijnverbruik te evalueren, zodat iedere patiënt er beter van wordt.”
“Privacy en wet- en regelgeving zijn nu vooral gebaseerd op wantrouwen. Ik vind het krampachtig om dat mee te nemen in de toekomst. En echt, ik hecht absoluut aan privacy, moet er niet aan denken dat een dossier van een patiënt op straat komt te liggen.”
Innovatie vraagt in belangrijke mate om het creëren van speelruimte. De Durf en Ruimte uit de titel v an het briefadvies moeten zeker ook leidend zijn bij het financieren van opschaling en implementatie, aldus Prins: ‘We gaan naar een situatie dat e-health de norm is. Dat betekent dat we elkaar meer ruimte moeten geven. Ruimte voor het experiment, binnen alle grenzen. Ook bij financiering. Dat gesprek komt nu pas een beetje op gang. Je ziet dat de hele financiering gericht is op alles wat vast en repeteerbaar is, en weinig op exploratie.’
‘Wij pleiten er in het advies voor om de zorginstellingen hier meer ruimte in te geven. En dat ook gewoon zo te benoemen. Dan werk je niet volgens de gebaande protocollen, maar je gaat er op een andere manier mee om. Wij vragen ruimte, ook in de wet- en regelgeving. De huidige regel voor innovatie van Nza is bijvoorbeeld zodanig ingewikkeld, dat het afremt in plaats van stimuleert. Wij zeggen dus, draai het om: Het kan, tenzij duidelijk is dat het om enorme risico’s gaat. Dus ook hier weer: geef ruimte voor exploratie en straf het niet gelijk af. Want we zien dat onze financiering helemaal niet gericht is op innovatiebeloning. Innovatie kan immers niet zonder investeringen.
Of het nu gaat om de ontwikkeling van het product of de dienst, om kennis en kunde van de medewerkers of de extra sociale lasten die het in de beginfase met zich meebrengt. Dus je zult ook met de financiers deze drempel zien te overkomen.’
Het wordt tijd dat de sector dat beseft? ‘Ja, dat besef begint nu te komen. En laten we wel zijn, wat is nu prettiger dan goede e-health? Alleen, de mensen moeten het wel gaan ervaren. En we moeten doordenken over de consequenties van de technologische ontwikkelingen die op ons afkomen. Zoals robotisering en de combinatie en interactie van alle technologische ontwikkelingen.
Om dat voor elkaar te krijgen, hebben we dat Hoofdlijnen Akkoord nodig, waarin zorgverzekeraars/zorgkantoren, zorgaanbieders, patiëntenverenigingen en ICT-bedrijven samen aan tafel zitten. Zodat we met elkaar de afspraken kunnen maken. En we niet blijven zitten met mooie innovatiebloemen in allerlei verschillende tuintjes.’
Robotisering!
De Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving hield op 16 mei jl een conferentie over Robotisering. In het kader hiervan was robot Pepper een week lang te gast bij Greet Prins. ‘Dat is een hele bijzondere ervaring. Vervreemdend. Je weet dat je niet met een mens praat, maar er vindt wel interactie plaats. Daar zullen we aan moeten wennen.’
Op basis van discussies tijdens de conferentie zal de Raad drie onderwerpen nader onderzoeken: