In steeds meer Nederlandse regio’s klinkt dezelfde ambitie: wij willen de gezondste regio van Nederland worden. Een inspirerend streven – maar wat betekent het in de praktijk? Hoe vertaal je mooie woorden naar meetbare gezondheid, lagere zorgconsumptie en tevreden inwoners én zorgverleners? CarePoint daagt bestuurders, artsen en ICT-leiders uit om het gesprek aan te gaan over de zorg van morgen. Niet over wat er moet veranderen – dat weten we allang – maar over hoe we dat vandaag in de praktijk brengen. De technologie is er al. De resultaten zijn bewezen. De vraag is: durft uw regio te beginnen?
De beweging naar gezondere regio’s is geïnspireerd door de Amerikaanse demograaf Dan Buettner, die wereldwijd bekend werd door zijn onderzoek naar de zogenoemde ‘blue zones’: vijf regio’s waar mensen opmerkelijk gezond en vitaal oud worden – Okinawa (Japan), Sardinië (Italië), Nicoya (Costa Rica), Ikaria (Griekenland) en de gemeenschap van zevendedagsadventisten in Loma Linda (VS). Buettner beschreef hoe leefstijl, sociale cohesie en een gevoel van zingeving daar samenkomen in een gezond ecosysteem. Geen wonder dat beleidsmakers, artsen en bestuurders ook in Nederland dromen van zulke omstandigheden. Maar, zoals de Britse arts en ondernemer dr. Mohammad Al-Ubaydli fijntjes opmerkt: “Ambitie is mooi, maar uitvoering is beter.”
Noodzaak van versnelling
Al-Ubaydli kent de zorg van binnenuit. Als arts zag hij hoe langzaam systemen bewegen. Als oprichter van PatientsKnowBest (PKB), het grootste persoonlijke gezondheidsplatform van Europa, weet hij ook hoe snel verandering mogelijk is als je die echt wil. Zijn boodschap is helder: we kunnen niet wachten tot de volgende crisis ons dwingt tot vernieuwing. De zorg staat onder druk en het tempo van verandering blijft ver achter bij de urgentie. Natuurlijk vraagt samenwerking tussen zorgverleners, instellingen en gemeenten om overleg en vertrouwen. Maar we moeten durven versnellen. Zoals Al-Ubaydli het stelt: “Het zou van bestuurlijk onvermogen getuigen als we eerst een zorgcrisis nodig hebben om te vernieuwen.”
Regie bij de burger
Wie werkelijk wil toewerken naar een status als ‘de gezondste regio’, moet beginnen bij de basis: de burger. Niet als passieve patiënt, maar als actieve regisseur van de eigen gezondheid. Daarvoor is het onvermijdelijk dat:
- Elke burger meer eigen regie voert over gezondheid en leefstijl.
- Ongeveer één op de vier mensen dat niet zelfstandig kan, maar via familie, vrienden of buren wordt ondersteund.
- De communicatie tussen inwoner en zorgverlener efficiënt, veilig en tweerichtingsverkeer is.
- Zowel zorgverlener als inwoner inzicht heeft in wie welke zorg of ondersteuning biedt – medisch én sociaal.
- De inwoner beschikt over een persoonlijk medisch dossier dat hij of zij zelf beheert.
- Dat dossier volledig en actueel inzicht biedt in diagnoses, medicatie, consulten, meetwaarden, verslagen en behandelplannen.
- Zorg- en sociaal domein verweven en verbonden zijn.
- Zowel inwoners als zorgverleners daarin worden gefaciliteerd met toegankelijke technologie.
- Regionale samenwerking de norm is. Want 90 tot 95% van de zorgconsumptie vindt plaats binnen de eigen regio.
- Elke regio zelf bepaalt hoe zij deze principes concreet invult.
De technologie is er al
Wie denkt dat dit toekomstmuziek is, vergist zich. De technologie bestaat, is veilig, bewezen en wordt al op grote schaal toegepast. Het PKB-platform is daar een voorbeeld van. Dit MedMij-gecertificeerde zorgcommunicatieplatform is in Europa inmiddels de grootste speler, met meer dan 6 miljoen actieve gebruikers en een groei van ruim 100.000 nieuwe gebruikers per maand. PKB verbindt zorgverleners, patiënten en het sociaal domein op één gedeeld platform.
- De zorgverlener gebruikt zijn eigen portaal, volledig gekoppeld aan bestaande EPD’s.
- De inwoner beheert zijn persoonlijk dossier met gegevens uit huisartspraktijk, ziekenhuis en ggz.
- Gemeentelijke ondersteuning en wijkteams kunnen – waar relevant en met toestemming – aansluiten.
- Zo ontstaat één actueel overzicht van medische en sociale zorg, gedeeld met wie betrokken is.
De kracht van combineren
De waarde van zo’n platform stijgt exponentieel als het wordt gecombineerd met moderne diagnostiek en digitale hulpmiddelen. Met de CheckMySelf-app bijvoorbeeld kan iemand via de smartphone eenvoudig vitale waarden meten: hartslag, ademhalingsfrequentie, bloeddruk, saturatie en stressindicatoren, op basis van Remote Photoplethysmography (rPPG). De technologie heeft FDA-clearance voor hartslag- en ademhalingsritme metingen en afgeleide waarden en is beschikbaar in zeven talen. De metingen worden automatisch toegevoegd aan het persoonlijke dossier binnen PKB. Zorgverleners zien de waarden in hun eigen portaal en kunnen trends volgen of contact opnemen.
Daarnaast maken digitale hulpmiddelen zoals een digitale stethoscoop of videoconsult het mogelijk om medische beoordeling op afstand te doen. Een arts kan op afstand meeluisteren, zelfs een opname van het gesprek bewaren in het dossier en zo nodig aanvullende tests laten uitvoeren. Via de mobiele testapparatuur van CarePoint – het mobiele laboratorium onder het label CheckMySelf – kunnen bloed-, urine- of ECG-metingen direct worden uitgevoerd. Ook botdichtheid, gehoor en oogdruk worden ter plekke gemeten, met resultaten die meteen beschikbaar zijn in het platform. Het resultaat: snellere diagnostiek, minder dubbele onderzoeken, en direct inzicht voor álle betrokken zorgverleners.
Van toekomstvisie naar praktijk
Wat nu nog als innovatief klinkt, is in werkelijkheid het begin van een nieuw fundament voor regionale zorg. De ingrediënten zijn er al:
- Bewezen technologie: MedMij, CE, FDA.
- Beschikbare infrastructuur: PKB, CheckMySelf.
- Kennis en samenwerking tussen zorg en sociaal domein.
Wat nodig is, is bestuurlijke moed om de eerste stap te zetten. Er zijn regio’s waar de huisarts, het ziekenhuis, de wijkverpleging en het sociaal domein via hetzelfde platform samenwerken. De resultaten zijn veelbelovend:
- Verbeterde zorgkwaliteit, door actuele informatie voor alle betrokkenen.
- Meer tevreden patiënten, die zich gehoord en betrokken voelen.
- Minder administratieve lasten voor zorgverleners.
- Lagere kosten, doordat dubbel werk en overbodige diagnostiek verdwijnen.
Kortom, precies wat de ‘quadruple aim’ beoogt:
- Betere zorg,
- Gezondere mensen,
- Lagere kosten,
- Tevreden zorgverleners.
Kracht van regionale samenwerking
Waarom regionaal? Omdat juist daar de lijnen kort zijn. Huisartsen, apothekers, wijkverpleging en ziekenhuizen kennen elkaar. In 90 tot 95% van de gevallen blijft zorg binnen de eigen regio. Dat is de ideale schaal voor vertrouwen, afstemming en besluitvorming.
Daarmee ligt de sleutel tot versnelling in handen van de regionale samenwerkingsverbanden – zorgbestuurders, artsen, ICT’ers en gemeenten die durven kiezen voor uitvoering in plaats van overleg. Wie nu aan de slag gaat, plukt binnen een jaar de eerste vruchten. Want de techniek is er al. De infrastructuur ligt klaar. De bewijzen zijn geleverd. De volgende stap is simpelweg: beginnen.
Nu aan de slag
Nederland kent talloze goede plannen, nota’s en intentieverklaringen. Maar gezonde regio’s ontstaan niet op papier. Ze ontstaan doordat bestuurders, artsen en ICT’ers samen besluiten: we gaan het doen. De woorden van Dan Buettner blijven inspirerend, maar Sardinië of Okinawa kopiëren is geen optie. De kracht ligt in het bouwen van onze eigen blue zone, met onze eigen middelen en waarden.
Zoals dr. Al-Ubaydli zegt: “Gezonde regio’s ontstaan niet door te praten over innovatie, maar door het waar te maken in de praktijk.”