FHI 2026: AI verovert de zorg sneller dan organisaties kunnen volgen

vr 2 oktober 2026 - 12:15
FHI 2026: AI verovert de zorg sneller dan organisaties kunnen volgen
Technologie
Nieuws

AI is voor veel Nederlandse zorgprofessionals niet langer een technologie voor de toekomst. De technologie wordt gebruikt om informatie te verwerken, administratie te verminderen, beelden te analyseren en klinische beslissingen te ondersteunen, aldus de Future Health Index 2026 van Philips. De jaarlijkse studie laat tegelijkertijd een opvallende tegenstelling zien: terwijl zorgprofessionals AI steeds sneller omarmen, lopen training, governance en integratie binnen zorgorganisaties achter.

De elfde editie van de jaarlijkse Future Health Index richt zich specifiek op AI in de dagelijkse zorgpraktijk. Het internationale onderzoek werd tussen februari en april 2026 uitgevoerd onder 2.011 zorgprofessionals en 20.085 patiënten in tien landen. Voor Nederland gaat het om 204 zorgprofessionals en 2.009 patiënten. Voor de Nederlandse groep zorgprofessionals vermeldt het rapport een geschatte foutmarge van 6,9 procentpunt. Dat vraagt om enige voorzichtigheid bij het interpreteren van afzonderlijke percentages.

Toch schetst het onderzoek een interessant beeld van een zorgsector waarin AI sneller onderdeel van het dagelijkse werk wordt, dan dat organisaties hun processen daarop kunnen aanpassen.

Van belofte naar dagelijks hulpmiddel

Meer dan de helft van de Nederlandse zorgprofessionals zegt dat het gebruik van door hun organisatie aangeboden AI-toepassingen het afgelopen jaar is toegenomen. AI wordt daarbij breed ingezet. Zo gebruikt 45 procent generatieve AI als professionele ‘buddy’ om werkgerelateerde ideeën te bespreken. Andere toepassingen lopen uiteen van het transcriberen van klinische notities en analyseren van medische beelden tot ondersteuning bij medicatieveiligheid en diagnostiek.

Volgens de respondenten levert dat inmiddels concrete voordelen op. Van de zorgprofessionals noemt 63 procent efficiëntere workflows, 50 procent meer vertrouwen in de eigen klinische besluitvorming en 48 procent snellere diagnostische besluitvorming. Verder ervaart 44 procent een afname van de tijd die aan routinematige of administratieve taken wordt besteed.

Een kwart van de Nederlandse zorgprofessionals rapporteert een tijdsbesparing van minimaal 88 uur per jaar. Philips heeft dat berekend op basis van een mediane besparing van twee uur per week en minimaal 44 werkweken. De vrijgekomen tijd wordt volgens respondenten onder meer gebruikt om voorzichtiger of nauwkeuriger te werken en vakkennis bij te houden.

Het gaat nadrukkelijk om zelfgerapporteerde effecten, stelt de FHI. Het onderzoek toont niet onafhankelijk aan dat AI daadwerkelijk 88 uur per jaar bespaart of betere klinische uitkomsten veroorzaakt. Het laat vooral zien hoe zorgprofessionals de invloed van AI op hun werk ervaren.

Professionals lopen voor op organisatie

Een opvallende uitkomst ligt niet bij wat AI kan, maar bij de manier waarop de technologie de organisatie binnenkomt. Bijna twee derde, 63 procent, zegt eigen AI-tools te gebruiken wanneer de toepassingen op het werk niet voldoen aan de behoefte. Tegelijkertijd vindt slechts 47 procent dat het bestuur van de eigen organisatie de juiste stappen zet om AI te implementeren.

Daar ontstaat een bekend digitaliseringsvraagstuk in een nieuwe vorm. Zorgprofessionals zoeken zelf naar hulpmiddelen waarmee zij tijd kunnen besparen, terwijl organisaties tegelijkertijd verantwoordelijk zijn voor privacy, informatiebeveiliging, kwaliteit en patiëntveiligheid. Wanneer beide snelheden te ver uiteenlopen, dreigt ongecontroleerd gebruik van toepassingen buiten de formele IT-omgeving.

Vooral scholing blijft achter. Maar liefst 83 procent zegt dat AI-training binnen de eigen organisatie ontbreekt, beperkt beschikbaar is of niet structureel wordt aangeboden. Zorgprofessionals hebben niet alleen behoefte aan technische vaardigheden, maar ook aan kennis om AI-aanbevelingen te controleren en patiëntgegevens te beschermen.

Ook governance is nog niet overal volwassen. Van de respondenten zegt 57 procent dat duidelijke processen voor het monitoren van AI-toepassingen ontbreken. Zorgen richten zich onder meer op beveiliging van patiëntgegevens, fouten in AI-systemen en onvoldoende transparantie over de manier waarop aanbevelingen tot stand komen.

AI als collega, niet als beslisser

Tegelijkertijd wordt er een duidelijke grens zichtbaar. Nederlandse zorgprofessionals lijken AI vooral te accepteren als ondersteuning en veel minder als autonome beslisser. Van de respondenten vindt 94 procent menselijke betrokkenheid essentieel en 84 procent dat alle AI-output door een mens gecontroleerd moet worden.

Dat wordt concreet bij afzonderlijke toepassingen. Bij medische beeldanalyse voelt 87 procent zich comfortabel met AI als ondersteunende partner, tegenover 6 procent met zelfstandig beslissende AI. Vergelijkbare verhoudingen zijn zichtbaar bij monitoring op afstand, controle van geneesmiddeleninteracties en triage. Alleen bij administratieve taken is meer autonomie acceptabel: 48 procent voelt zich bijvoorbeeld comfortabel wanneer AI zelfstandig afspraken inplant.

Het rapport spreekt daarom over het ontstaan van een ‘hybride zorgteam’. Vrijwel alle Nederlandse zorgprofessionals verwachten dat AI hun manier van werken zal veranderen. Tegelijkertijd maakt 85 procent zich geen zorgen dat AI hun baan zal overnemen. Wel verwacht 77 procent dat bepaalde functies verdwijnen én eveneens 77 procent dat nieuwe functies ontstaan.

Die verschuiving kent ook risico’s. Bijna de helft van de ondervraagde professionals vreest dat te grote afhankelijkheid van AI klinische vaardigheden kan aantasten. Tegelijkertijd vindt 90 procent dat AI de relatie tussen zorgprofessional en patiënt nooit kan vervangen.

Patiënt brengt eigen AI mee

De transformatie beperkt zich bovendien niet tot professionals. Driekwart van de zorgprofessionals krijgt volgens het onderzoek inmiddels patiënten op consult die zelf AI-gegenereerde gezondheidsinformatie meenemen. Van de patiënten verwacht 46 procent dat het belangrijk wordt te weten hoe AI kan worden gebruikt om de eigen gezondheid te managen.

Dat levert zowel kansen als nieuw werk op. Patiënten zeggen dankzij generatieve AI beter geïnformeerd te zijn, gerichtere vragen te kunnen stellen en meer uit een consult te halen. Daar staat tegenover dat 68 procent van de zorgprofessionals al onjuiste AI-informatie van patiënten heeft moeten corrigeren.

Transparantie wordt in dit licht steeds belangrijker. Van de Nederlandse patiënten vindt 84 procent dat zij geïnformeerd moeten worden wanneer AI bij hun zorg wordt gebruikt. Het vertrouwen lijkt overigens niet direct te verdwijnen zodra AI in beeld komt: slechts 10 procent van de zorgprofessionals heeft meegemaakt dat een patiënt na het horen over AI het vertrouwen in de zorg verloor. Wereldwijd ligt dat percentage volgens het rapport op 39 procent.

Opschalen wordt organisatievraagstuk

De Future Health Index laat kortom vooral zien dat de discussie over AI in de zorg verschuift. De vraag is steeds minder óf professionals AI gaan gebruiken. De grotere uitdaging wordt hoe dat gebruik verantwoord, geïntegreerd en controleerbaar kan worden georganiseerd.

Ook financieel zijn er eerste positieve signalen, al gaat het opnieuw om ervaringen van respondenten. Van de Nederlandse leidinggevenden in het onderzoek zegt 76 procent in AI te hebben geïnvesteerd; 62 procent stelt dat de baten van investeringen gelijk zijn aan of groter zijn dan de kosten.

De volgende stap ligt volgens het rapport dan ook niet primair in nóg meer losse AI-toepassingen. Versnipperde data, afzonderlijke systemen en bestaande werkprocessen moeten nu beter met elkaar worden verbonden. Daarvoor zijn interoperabiliteit, opleiding, klinisch toezicht, duidelijke verantwoordelijkheden en samenwerking tussen zorgorganisaties, overheid, toezichthouders en technologiebedrijven nodig.

Het zetten van deze stap is de belangrijkste boodschap van de Future Health Index 2026. AI lijkt in Nederland sneller van experiment naar dagelijks hulpmiddel te bewegen dan veel organisaties hadden voorzien. De technologische adoptie is daarmee niet langer de enige uitdaging. De volgende fase draait om de vraag of de organisatie van de zorg dat tempo kan bijhouden.

Voeg ICT&health toe aan Google

Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.

Toevoegen aan Google

Ook dit onderwerp krijgt een prominente plek tijdens de ICT&health World Conference 2027. Wil je erbij zijn en niets missen? Reserveer dan tijdig je ticket.