De zorg veranderen begint niet bij een oplossing, maar bij anders leren kijken. Want wat als we zorgprofessionals niet alleen leren om innovaties uit te voeren, maar hen ook leren om zelf anders naar vraagstukken te kijken?
In mijn werk komen drie werelden samen: ontwerp, zorgpraktijk en onderwijs. Als ontwerper werk ik vanuit de leefwereld van mensen en onderzoek ik wat er achter een vraagstuk schuilgaat. Binnen de opleiding Gezondheidstechnologie staat diezelfde houding centraal: niet direct naar een oplossing bewegen, maar eerst begrijpen wat er daadwerkelijk speelt.
Vanuit die rol ben ik aangesloten bij het netwerk Designers in de Zorg. De uitwisseling met ontwerpers uit verschillende zorgcontexten helpt om kritisch te blijven kijken naar wat ontwerpen in de zorg kan betekenen en hoe we die manier van denken kunnen overbrengen op zorgprofessionals zelf.
Zorgpraktijk en onderwijs rechtstreeks verbinden
De opleiding Gezondheidstechnologie bij Avans Hogeschool is er in een voltijd- en een duale variant. Vooral binnen de duale opleiding wordt zichtbaar wat er gebeurt wanneer onderwijs en zorgpraktijk rechtstreeks met elkaar verbonden. Studenten zijn werkzaam in de zorg en werken tijdens hun opleiding aan innovatievraagstukken uit hun eigen organisatie.
Ze leren bijvoorbeeld innovatiekansen signaleren, vraagstukken onderzoeken, technologie passend inzetten en collega’s meenemen in verandering. De essentie van ontwerpkracht zit niet alleen in wat zij uiteindelijk ontwikkelen, maar juist in het leren onderzoeken en begrijpen vóórdat een oplossing wordt bedacht.
Eerst begrijpen, dan bewegen
De werkdruk in de zorg is hoog. Cliënten en patiënten hebben vandaag ondersteuning nodig en knelpunten vragen vaak om directe actie. De reflex om snel naar een oplossing te bewegen is dan ook begrijpelijk. Toch vraagt innovatie soms om het tegenovergestelde: eerst vertragen, onderzoeken en uitzoomen.
Door studenten te laten werken met mensgerichte en creatieve onderzoeks- en ontwerpmethoden, ontstaat ruimte om dergelijke vragen vanuit verschillende perspectieven te onderzoeken. Onderliggende oorzaken worden beter zichtbaar en vastgelopen vraagstukken kunnen vanuit andere perspectieven worden bekeken.
Ze ontwikkelen werkvormen die aansluiten bij hun organisatie, de context en de mensen met wie zij werken. Zo ontstaan creatieve manieren om gesprekken te voeren, ervaringen zichtbaar te maken en verschillende perspectieven met elkaar te verbinden. Hoe studenten een ontwerpende aanpak passend weten te maken voor hun eigen praktijk, blijft mij keer op keer verrassen.
Een student ervoer dit bijvoorbeeld tijdens zijn werk binnen een organisatie in de gehandicaptenzorg. Eerst benaderde hij zijn vraagstuk als een losstaand project, met de vraag: hoe krijg ik het team in beweging? Door uit te zoomen en het vraagstuk vanuit een ontwerpende aanpak te onderzoeken, veranderde zijn perspectief. Gaandeweg het project zag hij dat de ervaringen van cliënten belangrijk waren. Door cliënten en begeleiders met zelfontwikkelde interactieve werkvormen samen te laten onderzoeken wat er speelde, ontstond er beweging.
Het uitzoomen bracht hem nog een ander inzicht. Projecten die op het eerste gezicht los van elkaar stonden - bijvoorbeeld rondom spraakgestuurd rapporteren en anders werken in de zorg - bleken allemaal bij te dragen aan de ambitie van de organisatie: het vergroten van de zelfredzaamheid van cliënten. Daarmee veranderde ook de manier waarop de student naar innovatie keek: “ik ben gestopt met het bedenken van losse oplossingen”, vertelde hij.
´Het niet weten´ is ook onderdeel van ontwerpen
Mensgericht werken betekent dat verandering begint bij het serieus nemen van de mensen die onderdeel zijn van het vraagstuk: cliënten, patiënten, naasten én zorgprofessionals. Die ervaring zag ik eerder in mijn eigen werk in de zorg en zie ik nu opnieuw in de projecten van studenten.
Tegelijkertijd ontstaat juist daar een belangrijk spanningsveld. Een ontwerpende aanpak vraagt tijd om te onderzoeken, te reflecteren en onzekerheid toe te laten. Ondertussen vraagt de zorgpraktijk voortdurend om handelen. Dat spanningsveld zal niet verdwijnen. De uitdaging is niet om te kiezen tussen denken of doen, maar om te leren schakelen tussen beide.
Wanneer die ruimte ontstaat, verandert ook het beeld van innovatie. Innovatie hoeft niet te beginnen met nieuwe technologie, een nieuwe app, AI of een groots veranderprogramma. Het kan beginnen met een ander gesprek, een vraag die eerder niet werd gesteld of het zichtbaar maken van perspectieven die tot dan toe naast elkaar bestonden.
Ontwerpkracht als onderdeel van de zorg van morgen
De grote vraag is daarom niet alleen: hoe kunnen ontwerpers bijdragen aan de transitie van de zorg? Maar ook: hoe zorgen we ervoor dat ontwerpkracht onderdeel wordt van het handelen van de mensen die iedere dag in die zorg werken?
Want als we willen dat de zorg werkelijk anders wordt ingericht, hebben we niet alleen nieuwe oplossingen nodig. We hebben mensen nodig die hebben geleerd om anders te kijken, andere vragen te stellen en samen te onderzoeken en ontwerpen. En precies daar ligt een belangrijke rol voor het onderwijs: niet alleen professionals opleiden die met innovaties kunnen werken, maar professionals die zélf de ontwerpkracht ontwikkelen om de zorg van binnenuit te veranderen.
Innovation partner
Voeg ICT&health toe aan Google
Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.