Leefstijlprogramma verkleint kans op complicaties na operatie

vr 28 augustus 2026 - 12:15
Leefstijlprogramma verkleint kans op complicaties na operatie
Preventie
Onderzoek

Vrouwen met eierstok-, baarmoeder- of schaamlipkanker hebben minder kans op complicaties wanneer zij zich vóór hun operatie met een gericht leefstijlprogramma voorbereiden op de ingreep. Dat blijkt uit promotieonderzoek van Joëlle Dhanis van het Radboudumc. De zogenoemde prehabilitatie richt zich onder meer op conditie, voeding en mentale gezondheid. In het Radboudumc is de aanpak inmiddels onderdeel van de standaardzorg voor vrouwen met gynaecologische kanker.

Jaarlijks krijgen ongeveer 4.500 vrouwen in Nederland de diagnose eierstok-, baarmoeder- of schaamlipkanker. Voor veel van deze patiënten vormt een operatie een belangrijk onderdeel van de behandeling. De fysieke conditie waarin iemand aan zo'n ingreep begint, kan invloed hebben op het herstel. Een minder goede conditie, ongezonde voeding en roken kunnen bijvoorbeeld het risico op infecties en vertraagde wondgenezing verhogen.

Drie weken voorbereiding

Dhanis onderzocht daarom of patiënten door prehabilitatie fitter aan hun operatie kunnen beginnen en vervolgens beter herstellen. In totaal namen 180 vrouwen deel aan een leefstijlprogramma van ongeveer drie weken voorafgaand aan hun operatie. De deelnemers volgden drie keer per week kracht- en conditietraining onder begeleiding van een fysiotherapeut. Daarnaast kregen zij voedingsadvies van een diëtist, waarbij extra aandacht uitging naar voldoende eiwitinname. Patiënten die daar behoefte aan hadden, konden ondersteuning krijgen van een psycholoog. Voor vrouwen die rookten was bovendien een stoppen-met-rokenprogramma beschikbaar.

De resultaten laten zien dat deze relatief korte voorbereiding effect kan hebben op het herstel. Van de vrouwen die prehabilitatie volgden, kreeg 27 procent na de operatie te maken met een complicatie. In de groep zonder prehabilitatie was dat 37 procent. Vooral wondcomplicaties kwamen minder vaak voor bij de deelnemers aan het leefstijlprogramma. Volgens Dhanis kan het voorkomen van dergelijke complicaties een belangrijk verschil maken. Een wondinfectie kan immers leiden tot extra ziekenhuisbezoeken, meer ongemak en een langere herstelperiode.

Blijvende leefstijl

Als onderdeel van het onderzoek werden deelnemers ook geïnterviewd over hun ervaringen. Veel vrouwen gaven aan de leefstijlbegeleiding na hun operatie te willen voortzetten. Volgens hoogleraar gynaecologische oncologie Hanny Pijnenborg is dat relevant, omdat de mogelijke gezondheidsvoordelen van een gezondere leefstijl niet beperkt blijven tot de periode rondom een operatie.

Een dergelijke verandering kan bovendien effect hebben op de sociale omgeving van een patiënt. Partners, familieleden en vrienden kunnen gezonde gewoonten overnemen. Daarmee krijgt het programma volgens de onderzoekers een bredere betekenis dan alleen het verbeteren van het directe herstel na een operatie.

Gepersonaliseerde ondersteuning

Binnen het onderzoek kregen alle vrouwen dezelfde onderdelen van het programma aangeboden. De volgende stap is om beter te bepalen welke ondersteuning voor welke patiënt het meest geschikt is. Niet iedere vrouw heeft immers dezelfde gezondheidsrisico's, conditie of behoefte aan begeleiding. Door patiënten vooraf te screenen, willen de onderzoekers uiteindelijk tot meer gepersonaliseerde prehabilitatie komen. De ene patiënt kan bijvoorbeeld meer baat hebben bij intensieve fysieke training, terwijl bij een andere patiënt voeding, stoppen met roken of psychologische ondersteuning meer aandacht vraagt.

In het Radboudumc is het leefstijlprogramma inmiddels opgenomen in de reguliere zorg voor vrouwen met gynaecologische kanker. De ambitie reikt volgens Pijnenborg verder. Het ziekenhuis wil onderzoeken of de aanpak ook rond andere oncologische behandelingen, zoals chemotherapie en bestraling, kan worden toegepast. Uiteindelijk zou prehabilitatie ook een plek kunnen krijgen in landelijke richtlijnen voor de behandeling van vrouwen met gynaecologische kanker.

Belang van gezonde leefstijl

Een gezonde en actieve leefstijl speelt een belangrijke rol bij het voorkomen én behandelen van hart- en vaatziekten. Dat wordt steeds relevanter nu naar verwachting het aantal Nederlanders met hart- en vaatziekten stijgt van 1,7 naar 2,7 miljoen. Het Catharina Ziekenhuis zet daarom nadrukkelijk in op preventie en werkt onder meer aan een leefstijlpoli.

Ook tijdens een behandeling kan leefstijl veel verschil maken. Onderzoek bij 150 patiënten met boezemfibrilleren liet zien dat begeleiding bij onder meer overgewicht, hoge bloeddruk, alcoholgebruik en slaapapneu de behandelresultaten verbeterde. Bij patiënten die vóór een ablatie maximaal zes maanden leefstijlbegeleiding kregen, daalde het aantal benodigde tweede ingrepen tot 18 procent. In sommige gevallen bleek een ingreep zelfs niet meer nodig. De resultaten onderstrepen volgens cardioloog Lukas Dekker het belang van structurele aandacht voor leefstijl als onderdeel van de hartzorg.

Referenties

Proefschrift (Joëlle Dhanis, Radboudumc)

Voeg ICT&health toe aan Google

Show more content from ICT&health in Google Search.

Toevoegen aan Google

Ook dit onderwerp krijgt een prominente plek tijdens de ICT&health World Conference 2027. Wil je erbij zijn en niets missen? Reserveer dan tijdig je ticket.