Mensen met afasie kunnen straks met behulp van virtual reality (VR) oefenen met alledaagse communicatiesituaties, zoals boodschappen doen of een bestelling plaatsen in een restaurant. Het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) ontwikkelde hiervoor een nieuwe VR-applicatie binnen het project Meedoen met Afasie in de Praktijk (MAP). De toepassing moet mensen met afasie helpen hun zelfvertrouwen terug te winnen en actiever deel te nemen aan het dagelijks leven.
Afasie ontstaat door niet-aangeboren hersenletsel, bijvoorbeeld na een beroerte, en belemmert het spreken, begrijpen, lezen of schrijven. Volgens projectleider Rimke Groenewold, onderzoeker bij Toegepast Gezondheidsonderzoek van het UMCG, richt het project zich nadrukkelijk op de mogelijkheden die mensen nog wél hebben. "Je taal is deels beschadigd, maar je communicatie hoeft niet weg te zijn."
Veilige, realistische omgeving
Het MAP-project is gebaseerd op participatief actieonderzoek, waarbij onderzoekers, logopedisten en mensen met afasie gezamenlijk nieuwe behandelmethoden ontwikkelen. Die aanpak is binnen het internationale afasieonderzoek nog relatief nieuw, maar volgens Groenewold essentieel. Mensen met afasie weten immers als geen ander welke uitdagingen zij in het dagelijks leven ervaren.
Tijdens het project bleek dat deelnemers vooral behoefte hadden aan oefensituaties die aansluiten bij het echte leven. In de praktijk is het echter niet altijd haalbaar om samen met een logopedist te oefenen in een supermarkt, apotheek of restaurant. Virtual reality biedt hiervoor een alternatief. Met behulp van een VR-bril kunnen gebruikers vier herkenbare situaties oefenen: een bezoek aan de supermarkt, de apotheek, een restaurant en een verjaardagsvisite. Van elk scenario is zowel een eenvoudige als een meer uitdagende variant ontwikkeld. Dankzij 180-gradenvideo's ervaren gebruikers de situaties alsof zij er daadwerkelijk middenin staan.
Meer zelfvertrouwen
De VR-toepassing is ontwikkeld in nauwe samenwerking met mensen die zelf afasie hebben. Marita Tessin hielp mee bij het ontwerpen van de scenario's en ervaart de toepassing als bijzonder realistisch. "Als je de bril opzet is het opeens alsof je echt in de supermarkt staat of in een restaurant zit. Ik kan met de bril oefenen voordat ik echt naar de supermarkt ga."
Ook Frank Schröer, medewerker van het UMCG, werkte mee aan de ontwikkeling. Na twee herseninfarcten kreeg hij afasie en weet hij uit eigen ervaring hoe groot de impact daarvan kan zijn. Volgens hem gaat de VR-training verder dan alleen taalvaardigheid. "Je kunt situaties op een veilige en laagdrempelige manier oefenen en stap voor stap weer zelfvertrouwen opbouwen om te communiceren. Dat helpt om makkelijker mee te doen in het dagelijks leven."
Naast de VR-applicatie ontwikkelde het UMCG ook verschillende kennisproducten voor logopedisten en afasietherapeuten. Deze bieden ondersteuning bij de behandeling van mensen met afasie in de chronische fase, wanneer de intensieve revalidatie is afgerond maar de behoefte aan begeleiding vaak blijft bestaan. Met de combinatie van praktijkgerichte VR-training en nieuwe behandelmaterialen wil het UMCG bijdragen aan een betere ondersteuning van mensen met afasie, zodat zij ook na hun revalidatie actief kunnen blijven deelnemen aan het dagelijks en sociale leven.
VR in de ggz
VR geldt al enkele jaren als een veelbelovende technologie voor de geestelijke gezondheidszorg. Het kan behandelingen efficiënter maken, patiënten actiever betrekken en zorgprofessionals ontlasten. In 2022 maakten zorgprofessionals van GGzE al gebruik van VR voor de behandeling van patiënten. Daar werden met deze technologie patiënten geleerd om op een laagdrempelige manier met moeilijke situaties te oefenen. Dankzij VR is kan dat dus in de veilige omgeving van de behandelkamer.
In editie 1 van ICT&health vertelden onderzoekers Sven Hagg, Christina Jaschinski en Marjolein den Ouden hoe dat de grootste uitdagingen voor het inzetten van VR in de ggz niet zozeer technisch, maar vooral organisatorisch van aard zijn. Mede daardoor blijft brede toepassing in de praktijk achter, terwijl het de werkdruk in de ggz zou kunnen verlichten