Nederland krijgt de komende jaren een Gezondheidsdata-autoriteit (GDA), een nieuw zelfstandig bestuursorgaan dat meer regie moet brengen in het gebruik van elektronische gezondheidsgegevens. De autoriteit moet ervoor zorgen dat gegevensuitwisseling en het hergebruik van gezondheidsdata transparanter, beter georganiseerd en in lijn met de Europese regels verlopen. Sinds 1 juni is Jaap Eikelboom aangesteld als kwartiermaker om de oprichting van de organisatie voor te bereiden. Zijn opdracht gaat verder dan het opzetten van een nieuwe instantie: hij moet bestaande initiatieven verbinden en toewerken naar een gezamenlijke aanpak voor primair en secundair gebruik van gezondheidsdata.
Volgens Eikelboom begint de Gezondheidsdata-autoriteit, die enkele maanden geleden door VWS werd opgericht, niet op een leeg speelveld. Tijdens zijn eerste maanden sprak hij met vertegenwoordigers van uiteenlopende organisaties die actief zijn op het gebied van gegevensuitwisseling en gezondheidsdata. Daarbij noemt hij onder meer Nictiz, VZVZ, Health-RI, het programma HDAB-NL en Zorgverzekeraars Nederland.
EHDS-taken bundelen
De EHDS-verordening legt de lidstaten verplichtingen op rond het gebruik van elektronische gezondheidsgegevens voor zorg en ondersteuning (primair datagebruik) en voor onderzoek, beleid en innovatie (secundair datagebruik). Om aan die verplichtingen te voldoen, moeten de lidstaten een Autoriteit voor digitale gezondheid (ADG) voor primair gebruik én een Health Data Access Body (HDAB) voor secundair gebruik aanwijzen.
In Nederland worden die taken ondergebracht in één nieuw zelfstandig bestuursorgaan: een Gezondheidsdata-autoriteit, afgekort GDA. De twee taken komen in één organisatie vanwege de nauwe verbondenheid tussen primair en secundair datagebruik. De keuze voor een zelfstandig bestuursorgaan moet de onafhankelijke taakuitoefening borgen.
Bereidheid tot samenwerken
Uit die gesprekken blijkt volgens Jaap dat de bereidheid om samen te werken groot is. Tegelijkertijd constateert hij dat al veel afzonderlijke initiatieven bestaan die elk een eigen rol vervullen. Juist die versnippering maakt samenwerking noodzakelijk. De uitdaging ligt volgens Eikelboom niet zozeer in het ontwikkelen van nieuwe oplossingen, maar in het verbinden van bestaande kennis, voorzieningen en verantwoordelijkheden binnen één samenhangend stelsel.
De Gezondheidsdata-autoriteit moet uiteindelijk een centrale rol krijgen bij de uitvoering van de Europese European Health Data Space (EHDS), die lidstaten verplicht om het gebruik van elektronische gezondheidsgegevens voor zowel zorgverlening als onderzoek en innovatie beter te organiseren.
NIet afwachten tot 2029
Hoewel de Gezondheidsdata-autoriteit uiterlijk in maart 2029 volledig operationeel moet zijn, wil Eikelboom niet wachten tot dat moment om resultaten zichtbaar te maken. Hij pleit ervoor om al eerder te gaan werken als een zogenoemde 'pre-GDA', waarbij betrokken organisaties op vrijwillige basis samenwerken volgens de toekomstige werkwijze van de autoriteit.
Daarvoor kan worden aangesloten bij projecten die de komende jaren worden ontwikkeld, zoals onderdelen van het Landelijk Dekkend Netwerk, het Landelijk Afsprakenstelsel en de Nederlandse Health Data Access Body (HDAB). Door deze voorzieningen al gezamenlijk te gebruiken en de samenwerking in de praktijk te testen, kan volgens Eikelboom ervaring worden opgedaan voordat de autoriteit formeel van start gaat. Een dergelijke aanpak moet ook inzicht geven in de praktische uitvoerbaarheid van nieuwe processen en verantwoordelijkheden.
Duidelijkheid over taken
Voordat de Gezondheidsdata-autoriteit daadwerkelijk kan worden ingericht, moet eerst helder zijn welke taken zij precies krijgt. Daarom werkt Eikelboom met zijn team de komende maanden aan een uitgebreide taakanalyse. Daarin wordt in kaart gebracht welke verantwoordelijkheden rond primair en secundair datagebruik bij de nieuwe organisatie komen te liggen en welke taken bij bestaande organisaties blijven.
Naast de inhoudelijke afbakening wordt ook gekeken naar de benodigde expertise, personele capaciteit en organisatorische inrichting. Volgens Eikelboom is een breed gedragen taakverdeling essentieel om de nieuwe organisatie effectief te laten functioneren en de Europese verplichtingen uit de EHDS uit te kunnen voeren.
Minstens zo belangrijk vindt hij het formuleren van een duidelijke maatschappelijke opdracht. Niet alleen professionals, maar ook burgers, zorgorganisaties en beleidsmakers moeten begrijpen waarom de Gezondheidsdata-autoriteit wordt opgericht en welke meerwaarde zij moet bieden. Een heldere visie moet volgens hem richting geven aan de verdere ontwikkeling van de organisatie.
Verbinding als succesfactor
De achtergrond van Eikelboom past bij de bestuurlijke uitdaging waarvoor de Gezondheidsdata-autoriteit staat. Eerder was hij onder meer verantwoordelijk voor de oprichting van de Nucleaire Energie Organisatie Nederland (NEO NL) en betrokken bij de landelijke coördinatie van de COVID-19-bestrijding. In beide trajecten stond het verbinden van uiteenlopende partijen in een politiek en maatschappelijk complexe omgeving centraal.
Die ervaring lijkt ook nu van belang. De inrichting van de Gezondheidsdata-autoriteit draait niet alleen om governance of wetgeving, maar vooral om samenwerking tussen organisaties die ieder een eigen rol hebben in het Nederlandse zorg- en datalandschap. Als het lukt die partijen de komende jaren onder één gezamenlijke visie samen te brengen, kan de GDA uitgroeien tot een belangrijk fundament onder de toekomstige digitale gegevensuitwisseling in de Nederlandse gezondheidszorg.