Nictiz bouwt aan het fundament van datagedreven zorg

wo 17 juni 2026 - 14:00
Databeschikbaarheid in de zorg
Nieuws

De discussie over digitalisering in de zorg gaat vaak over zichtbare innovaties: kunstmatige intelligentie, thuismonitoring, digitale consulten of databeschikbaarheid voor onderzoek. Maar onder al die ontwikkelingen ligt een minder zichtbaar fundament. Zonder afspraken over de betekenis van gegevens, veilige toegangssystemen en een gezamenlijke digitale infrastructuur blijft de belofte van digitale zorg grotendeels theoretisch. Juist op dat fundament richtte Nictiz zich in 2025.

Uit het publieksjaarverslag, dat bol staat van interessante interviews en inzichten, blijkt dat Nictiz zich steeds nadrukkelijker positioneert als architect én beheerder van het Nederlandse gezondheidsinformatiestelsel. Daarmee verschuift de rol van Nictiz van standaardisatie-expert naar een organisatie die actief richting geeft aan de manier waarop zorginformatie in Nederland en Europa wordt georganiseerd.

Strategische opgave

De context waarin Nictiz opereert, verandert snel. Toenemende zorgvraag, personeelstekorten, stijgende kosten en geopolitieke onzekerheden zetten de zorg onder druk. Tegelijkertijd groeit de verwachting dat technologie een deel van de oplossing kan bieden. Directeur-bestuurder Leonique Niessen stelt dat digitalisering allang geen puur technisch vraagstuk meer is. "Technologische ontwikkelingen, zoals AI, bieden nieuwe mogelijkheden om de zorg toegankelijk, betaalbaar en kwalitatief goed te houden. Daarvoor is beschikbare en bruikbare gezondheidsinformatie onmisbaar. Juist daarom is digitalisering uitgegroeid van een technisch vraagstuk tot een strategische verantwoordelijkheid van zorgbestuurders."

Die constatering markeert een belangrijke verschuiving. Waar digitalisering jarenlang vooral werd gezien als een ICT-uitdaging, wordt databeschikbaarheid nu steeds meer beschouwd als een voorwaarde voor toegankelijke en betaalbare zorg. De inzet van AI, hybride zorgmodellen en regionale samenwerking vraagt immers om betrouwbare, gestandaardiseerde en uitwisselbare gegevens.

Nictiz positioneert zich daarbij als de partij die de brug slaat tussen beleid en praktijk. De organisatie ontwikkelt standaarden, beheert landelijke bouwstenen en adviseert overheid en zorgsector over de inrichting van het gezondheidsinformatiestelsel.

Eén taal in de zorg

Een terugkerend thema in het jaarverslag is interoperabiliteit. Of het nu gaat om huisartsenzorg, ziekenhuiszorg, acute zorg of onderzoek: gegevensuitwisseling blijft afhankelijk van de vraag of systemen dezelfde taal spreken. Daarom investeerde Nictiz ook in 2025 fors in zorginformatiebouwstenen (zibs), terminologiestelsels zoals SNOMED en LOINC en de verdere ontwikkeling van landelijke standaarden. Het doel daarvan is niet alleen technische uitwisseling mogelijk maken, maar vooral zorgen dat gegevens overal dezelfde betekenis hebben.

De uitdaging verschuift daarbij van het maken van afspraken naar het daadwerkelijk toepassen ervan. Orthopedisch chirurg Peter den Hollander vat dat treffend samen in het jaarverslag: "Wij willen niet alleen gegevens uitwisselen. We willen vooral kunnen beschikken over de data die over een patiënt bekend is."

Dat lijkt een nuanceverschil, maar raakt de kern van de huidige digitaliseringsopgave. Niet de overdracht van gegevens staat centraal, maar de beschikbaarheid van bruikbare informatie op het juiste moment. Ook initiatieven zoals het Nationaal Test- en Validatiecentrum (NTV) passen in die ontwikkeling. Door systemen vooraf te testen op interoperabiliteit moet worden voorkomen dat standaarden in theorie wel werken, maar in de praktijk niet.

Europa steeds bepalender

Waar de Nederlandse zorgdigitalisering jarenlang vooral nationaal werd georganiseerd, wordt de invloed van Europese regelgeving steeds groter. Dat blijkt uit vrijwel alle onderdelen van het jaarverslag. De European Health Data Space (EHDS), de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg (Wegiz) en de komst van de Europese Digitale Identiteit veranderen het speelveld fundamenteel. Gegevensuitwisseling wordt steeds minder een nationale aangelegenheid en steeds meer onderdeel van een Europese infrastructuur.

Binnen die ontwikkeling vervult Nictiz een dubbele rol. Enerzijds vertaalt de organisatie Europese regelgeving naar de Nederlandse praktijk. Anderzijds vertegenwoordigt zij Nederlandse belangen in internationale standaardisatie- en architectuurvraagstukken. De samenwerking met het ministerie van VWS wordt daarbij steeds intensiever. Zoals Jim Bloemberg van VWS in het jaarverslag stelt: "Digitale gegevensuitwisseling realiseren we alleen samen." Ook binnen Nictiz wordt die verschuiving zichtbaar. Tim Postema, MT-lid Strategie & Advies, spreekt zelfs van een overgang "van adviseren naar samen realiseren". Daarmee verschuift de focus van beleidsontwikkeling naar concrete uitvoering.

Van databeschikbaarheid naar databruikbaarheid

Opvallend in het jaarverslag is dat databeschikbaarheid steeds vaker wordt gekoppeld aan databruikbaarheid. Het gaat niet langer uitsluitend om het kunnen delen van gegevens, maar ook om het benutten ervan. Dat wordt zichtbaar in initiatieven als CumuluZ, dat sinds 2025 werkt aan een infrastructuur waarin zorgdata direct inzetbaar wordt in de praktijk. Bijvoorbeeld voor thuismonitoring, waarbij zorgverleners patiënten op afstand kunnen volgen en tijdig kunnen ingrijpen.

Ook de verkenning naar AI-toepassingen voor het verminderen van registratielast laat zien dat digitalisering steeds vaker wordt gekoppeld aan concrete zorguitkomsten. Niet de technologie zelf staat centraal, maar de bijdrage aan betere zorgprocessen en lagere werkdruk.

Hetzelfde geldt voor het programma Medicatieoverdracht. Dagelijks belanden volgens het jaarverslag ongeveer 75 mensen in het ziekenhuis door vermijdbare medicatie-incidenten. Door actuele medicatiegegevens beschikbaar te maken voor alle betrokken zorgverleners kan zowel de patiëntveiligheid als de efficiëntie van zorg verbeteren. Daarmee verschuift de discussie van technische infrastructuur naar maatschappelijke impact.

Eén nationale data-autoriteit

Misschien wel de meest strategische ontwikkeling die uit het jaarverslag naar voren komt, is de toekomstige inrichting van het governance-model rond gezondheidsdata. De raad van toezicht verwacht dat de Europese Health Data Space uiteindelijk zal leiden tot de vorming van een Autoriteit Digitale Gezondheid (ADG). Volgens voorzitter Jan van den Berg zal Nictiz daarin waarschijnlijk een belangrijke rol spelen. Dat perspectief benadrukt hoe sterk het belang van data in de zorg is gegroeid. Waar Nictiz ooit vooral bekend stond als ontwikkelaar van standaarden, wordt de organisatie steeds nadrukkelijker gezien als beheerder van een essentieel maatschappelijk stelsel.

De rode draad in het jaarverslag is dan ook niet technologie, maar samenwerking. Nictiz benadrukt herhaaldelijk dat geen enkele partij de opgave in zijn eentje kan realiseren. Standaarden, wetgeving, infrastructuur en implementatie moeten samenkomen om databeschikbaarheid daadwerkelijk te laten werken. "Uiteindelijk wordt de waarde van digitalisering niet bepaald door techniek, maar door wat zij toevoegt aan de dagelijkse praktijk van inwoners, patiënten en zorgverleners", aldus Niessen.

Het feit dat niet de techniek zelf de grootste uitdaging vormt, maar het vermogen om die techniek te vertalen naar bruikbare informatie die zorgprofessionals ondersteunt, patiënten meer regie geeft en de zorg toekomstbestendig maakt, is misschien wel de belangrijkste boodschap van het Nictiz-jaarverslag 2025. Het fundament daarvoor wordt nu gelegd. De vraag voor de komende jaren is hoe snel de zorgsector daarop verder kan bouwen.

Nictiz Jaarverslag Infographic
De belangrijkste kerncijfers uit het Nictiz Jaarverslag 2025

Ook dit onderwerp krijgt een prominente plek tijdens de ICT&health World Conference 2027. Wil je erbij zijn en niets missen? Reserveer dan tijdig je ticket.