Van Gommers naar Helder: frisse blik op innovatie met menselijke maat
Om onderstaande en alle andere premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
U kunt nog {free_articles_left} premium artikel gratis lezen. Om meer premium artikelen te lezen, moet u inloggen of een account aanmaken.
Na drie jaar vol inspirerende discussies en scherpe inzichten draagt Diederik Gommers het voorzitterschap van de redactieraad van ICT&health over aan Conny Helder. Twee kopstukken met een gedeelde missie: toekomstbestendige zorg met behoud van menselijkheid. Gommers, die het vakblad door de nasleep van de pandemie loodste, zag innovatie in de zorg steeds concreter worden. Helder, met haar achtergrond in de zorg en haar visie op anders organiseren, wil die ontwikkeling verder versnellen, maar wel met oog voor de praktijk. In dit dubbelinterview blikken ze terug op de lessen van de afgelopen jaren en kijken ze vooruit naar de kansen én dilemma’s van de digitale zorgtransitie. Over AI, ethiek, werkplezier en de cruciale rol van kennisdeling.
Tien jaar ICT&health: een decennium waarin digitalisering de zorg voorgoed veranderde. Wat begon als een ambitie om kennis, innovatie en praktijk dichter bij elkaar te brengen, groeide uit tot hét platform waar zorg en technologie samenkomen. In zowel het magazine als online komen goede voorbeelden en inspirerende mensen aan het woord die laten zien wat er wél kan maar ook met welke uitdagingen ze te maken hebben.
In deze jubileumbijlage blikken de vier voorzitters van de redactieraad – Lucien Engelen, Lea Bouwmeester, Diederik Gommers en toekomstig voorzitter Conny Helder - terug. Hoe zagen zij de zorg destijds, welke uitdagingen stonden er toen centraal en wat heeft tien jaar digitale vooruitgang ons écht gebracht? Aangezien Conny Helder vanaf 1 januari 2026 het stokje overneemt van Diederik Gommers, hebben we hen samen in een interview gesproken. Daarna volgen 2 aparte interviews met hun voorgangers Lea Bouwmeester en Lucien Engelen.
“Mijn voorzitterschap stamt natuurlijk uit de Covid-periode, waarin de zorg het moeilijk kreeg onder opschalingsproblemen, dus ik werd gegrepen door de vraag hoe we dat zouden gaan regelen als we opnieuw in een dergelijke crisis terechtkomen. Ik vond het belangrijk om me te richten op hoe we in dit kader de processen in de zorg anders konden gaan inrichten. Het werd me al snel duidelijk dat technische innovaties hierbij een belangrijke rol zouden gaan spelen. En toen ik er meer over had gelezen, dacht ik: ICT&health is echt wel het podium waar al deze kennis bij elkaar komt. Daaraan wilde ik graag mijn steentje bijdragen.”
“We hebben het over de personeelstekorten en de toenemende zorgvraag, maar lezen nu ook dat de verpleeghuizen leger aan het worden zijn en er meer plekken vrijkomen. Dat laat zien dat we te maken hebben met een heel dynamisch proces. Voor mij is het daarbij heel belangrijk dat als we de zorgprocessen willen veranderen en AI willen toelaten, we focussen op de vraag hoe we dat nu op de beste manier kunnen aanpakken met behoud van de menselijke interactie en werkplezier. In mijn beleving is het enorm belangrijk dat je geen ‘nee’ verkoopt aan mensen met een zorgvraag, maar dat deze mensen écht aandacht krijgen. Technische innovaties en AI zijn niet een totaaloplossing, maar het zijn kleine of minder kleine aanvullingen die ons helpen om zorg te kunnen blijven bieden.”
“Ik zit behoorlijk op hetzelfde spoor als Diederik. Al vóór Covid was het duidelijk dat de zorg enorm zou gaan vastlopen. Wat ik heb geleerd als bestuurder van ouderenorganisatie tanteLouise is een heel andere benadering van mensen met dementie, waardoor er eigenlijk minder zorg nodig was. Dat bracht me op het spoor van het anders organiseren van zorg met technologie als ondersteunende component. Door zaken vanuit een ander perspectief te organiseren, bleken goede of zelfs betere resultaten haalbaar met minder zorgpersoneel. Het voorzitterschap van de redactieraad van ICT&health lijkt me boeiend, aangezien innovatie en wetenschappelijk onderzoek alles te maken hebben met kennisuitwisseling. Toen ik vroeger studeerde, moest ik naar de bibliotheek toe om een artikel uit een blad of boek te fotokopiëren. Tegenwoordig is de snelheid van informatiedeling daar niet meer mee te vergelijken en bevinden we ons in een soort kennis- en informatie-‘snoepwinkel’. Tegelijkertijd is dat ook tricky, omdat je wordt overladen met informatie en dus heel goed moet kunnen selecteren en sorteren wat relevant is. ICT&health heeft hierin een belangrijke ‘wegwijsfunctie’ voor een heel divers publiek en dat is erg belangrijk.”

“Het mooiste van een redactieraad is voor mij de energie van al die verschillende mensen die vanuit diverse achtergronden met onze thema’s bezig zijn. Ik vond het prachtig om al die energie de afgelopen drie jaar als voorzitter te mogen kanaliseren. Toen ik begon, spraken we over wat er allemaal technisch mogelijk was. In de loop van de tijd kwamen er steeds meer voorbeelden van die technische mogelijkheden en hoe die innovatieve toepassingen daadwerkelijk in praktijk werden gebracht en hoe dat uitpakte. Vooral in de verpleeghuizen en in de thuiszorg ging dat snel. Ik vond het voor mezelf heel leerzaam om te zien hoe mensen innovatie aangingen en de problematiek multidisciplinair oppakten.”
“AI is een belangrijke ontwikkeling waarvan we nog niet precies weten waar en wanneer we het wel of - vooral ook - niet moeten gaan toepassen, dus dat is een ontwikkeling die we zeker moeten gaan volgen. En daarnaast gebeurt er steeds meer op het gebied van het kleiner maken van technologie. Ik las recent een voorbeeld van digitale oogimplantaten die we zo klein en goedwerkend kunnen maken, dat we stukjes van ons lichaam daadwerkelijk door technologie kunnen laten vervangen. Ik denk dat dat een belangrijke ontwikkeling is. Daarnaast zijn we bezig met cel- en gentechnologie, dus toepassingen met levend materiaal. De combinatie van deze drie zaken, AI, technologie en levend organisme op cel- en genniveau, kan een enorme versnelling gaan betekenen. Ik kijk dan ook niet met vrees, maar met grote verwachting uit naar de toekomst. Dus wat betreft de redactieraad zullen we denk ik weinig moeite hebben met het vinden van nieuws-
items. Vanuit mijn achtergrond als bestuurder in de langdurige zorg en de zorg voor ouderen, maar ook vanuit de cijfers over de toenemende vergrijzing in ons land, ben ik ook erg geïnteresseerd in de genoemde ontwikkelingen. Want mensen worden steeds ouder, maar niet per se met behoud van alle vitale functies.”
“Het lijkt me zinvol om de zorginnovatie zeker ook te richten op het behoud van die functies. Daardoor kunnen bijvoorbeeld mensen langer zelfstandig functioneren, kunnen ze deel blijven uitmaken van het sociale leven en wordt de kans op dementie kleiner. Kortom: voordat we kunnen spreken over minder zorg, is er voor deze doelgroep eerder sprake van behoefte aan meer zorg. De vraag is hoe we dat goed kunnen gaan organiseren.”
“De AI-transitie is gaande en dat is soms een lastige. Ik denk dat we nu als zorgprofessionals moeten gaan opstaan en ervoor moeten zorgen dat de grote techbedrijven niet met ons als zorgprofessionals aan de haal gaan. We moeten ons inhoudelijk gaan bezighouden met de toepassing en reikwijdte van AI. Op dit moment leveren de dokters tijdens het visitelopen de input voor de zorg die de verpleegkundigen moeten gaan leveren. Wordt die kennis van de dokters straks vervangen door ChatGPT? Hoe moeten we de artsenopleidingen gaan aanpassen aan die veranderde rol van de arts? En hoe moet ook de invulling van de verpleegkundige mee veranderen? Het is niet erg dat de rol van de zorgprofessional verandert op grond van de ontwikkelingen, maar we moeten ons daar wel actief mee bezighouden en sneller met elkaar gaan schakelen. En ook met hoe we in dit licht de menselijke interactie met onze patiënten bewaken. Het mag niet zo zijn dat er straks alleen taken overblijven die voor niemand interessant zijn en waar we dus ook niemand voor kunnen vinden.”
Conny vult aan: “In de ouderenorganisatie waar ik voorheen werkte, wordt nu gewerkt aan een ‘digitale collega’, die met name als ondersteuning in de praktijk kan worden gebruikt om protocollen dichtbij te hebben in de praktijk. Waarbij de protocollen in feite gestolde ervaringen uit het verleden zijn. Inmiddels wordt gewerkt aan een digitale collega waarin alle kennis van de opleiding is toegevoegd. Wat gaat dat betekenen? We moeten daarom met elkaar gaan bespreken wat dat betekent voor de huidige opleiding en hoe deze hierop kan worden aangepast. Ik denk dat ICT&health bij uitstek het platform is om deze ontwikkelingen te bespreken, juist omdat het zo’n breed publiek heeft.”
“We hebben altijd de neiging om naar een ander te wijzen als zaken moeten veranderen, maar ik vind dat je juist moet kijken naar je eigen vakgebied en dat daar zelf je schouders onder zetten. Dus ja, we zijn goed bezig, maar er valt nog veel te verbeteren. Zeker ook op het gebied van kennisdeling en -verspreiding. We nemen nog te vaak aan dat we, bijvoorbeeld als we het hebben over AI, het allemaal over hetzelfde hebben en dat ons kennisniveau gelijk is. Maar dat is niet zo en daarom pleit ik ervoor dat platforms zoals dit blad en congressen en symposia zoveel mogelijk kennis en mooie voorbeelden met elkaar delen én dit ook te blijven herhalen. Want de ontwikkelingen gaan razendsnel. Ons ICT&health-congres wordt tot mijn grote vreugde elk jaar druk bezocht, waarvoor alle credits overigens toekomen aan ICT&health-oprichter Tom Xhofleer.”
Conny: “We moeten absoluut blijven herhalen en ook verbindingen (blijven) leggen tussen de onderwerpen, zodat het duidelijk is waarom bepaalde zaken belangrijk zijn. Denk bijvoorbeeld aan de beschikbaarheid en de toegankelijkheid van betrouwbare data en de manier waarop dat technisch, maar ook qua regelgeving kan worden gerealiseerd. Dit moeten we doen op een manier die aantrekkelijk is, dus in duidelijke taal met aansprekende voorbeelden en dat is wat we bij ICT&health goed doen en waar ik me samen met de redactie op wil blijven richten.”

Diederik: “Nieuwe toepassingen zoals AI vragen ook om herijking van ethische inzichten. Want straks moeten we kunnen borgen dat de patiënt ervan kan uitgaan dat het advies dat via AI gegeven wordt goed is. En hoe borgen we de juistheid van het gebruikte model en de data? Daar zullen we echt met elkaar hard aan moeten werken.”
Conny: “Bij het gebruik van camera’s bijvoorbeeld, zien we dat omgaan met privacy best een bottleneck vormt. Daar moeten we serieus naar kijken, maar wel met als uitgangspunt dat we de toepassing wél gaan gebruiken. Ik denk dat we veel weerstand kunnen wegnemen met het geven van duidelijke uitleg hoe het wel kan en dat we vooral ook moeten uitleggen wat het maatschappelijke effect is als de zorg op die manier anders kunnen organiseren.”
Diederik: “Je ziet meestal dat daar waar de urgentie het hoogst is, de meeste stappen worden gemaakt. Zo zagen we bijvoorbeeld de laatste jaren dat verpleeghuizen de roosters niet meer rond kregen. En gezien de komende vergrijzing zal die urgentie steeds groter worden.”
Conny: “Ik merk dat veelal wordt gedacht dat als je veel over innovatie spreekt, mensen de urgentie vanzelf wel gaan voelen. Maar in de praktijk blijkt het niet zo te werken en zie je de toepassingen pas op de werkvloer als het daar is vastgelopen. Het zou eigenlijk zo moeten zijn dat de innovatie dat moment voorblijft. Een ander belangrijke geleerde les is, zoals Diederik al aankaartte, het belang van het menselijk contact en het sturen op het gezamenlijk nemen van besluiten.”
“Conny heeft heel veel kennis en ervaring op het gebied van zorg en gezondheid en weet wat ontwikkelingen betekenen voor de werkvloer. Maar ik zou willen meegeven dat we met het doorvoeren van innovaties, het werkplezier scherp in het oog moeten houden. Het is een overtuiging die wij met elkaar delen, dus ik heb er hoe dan ook alle vertrouwen in dat het voorzitterschap bij Conny in goede handen is.”
“Ik vond het heel goed dat Diederik hier instapte na de Covidperiode, omdat hij volop had ervaren wat er moest gaan veranderen in de zorg. Ik heb gezien hoe ICT&health is uitgegroeid tot een belangrijk platform voor kennisdeling en -uitwisseling met een redactieraad vol boeiende en betrokken leden, waar Diederik uitstekend leiding aan heeft gegeven. Het zijn dus grote schoenen om te vullen. Ik vind dat Diederik heel goed de connectie weet te maken met de mensen die aan de basis staan van onze zorg en met de mensen die zorg ontvangen, en dat wil ik heel graag meenemen. Dat het uitgangspunt van je beslissingen moet zijn: wat betekent het in de praktijk. Kortom: ik vind het een eer om hem te mogen opvolgen en ik hoop dat ik zijn verdiensten kan evenaren, zodat we over een aantal jaren kunnen zeggen dat we weer een mooie stap vooruit hebben gemaakt.”