Tien zorgpartijen, waaronder UMCNL, roepen in een brief aan de Tweede Kamer op tot meer regie op de digitalisering van de zorg. Volgens de organisaties schiet vooral de databeschikbaarheid nog tekort door aanhoudende belemmeringen en een gebrekkige basisinfrastructuur. Ondanks diverse programma’s, afspraken en initiatieven blijft de daadwerkelijke implementatie achter. Daardoor ervaren zorgverleners en patiënten volgens de partijen nog onvoldoende verbetering in de praktijk.
De brief is ondertekend door Federatie Medisch Specialisten, KNMG, LHV, ZN, UMCNL, NVZ, ZKN, Health-RI, Verenso en KAMG. De beperkte beschikbaarheid van patiëntgegevens voor primair en secundair gebruik legt volgens de zorgpartijen extra druk op de toch al schaarse capaciteit van zorgpersoneel. Ook zou dit leiden tot dubbele diagnostiek, hogere zorgkosten, vermijdbare gezondheidsschade en frustratie bij zowel patiënten als zorgverleners.
Eerst basis op orde
Tegelijkertijd benadrukken de organisaties dat goede databeschikbaarheid essentieel is voor noodzakelijke vernieuwingen in het zorgstelsel, zoals passende zorg en concentratie en spreiding van zorg. Hoewel het kabinet ambitieuze plannen heeft om databeschikbaarheid te verbeteren, constateren de partijen dat de basis daarvoor momenteel nog onvoldoende op orde is.
Volgens de zorgpartijen zorgt ook de komst van de European Health Data Space (EHDS) in de praktijk voor vertraging van bestaande beleidsplannen. Eerder ingezette trajecten, zoals de invoering van de Wegiz, zouden daardoor zijn stilgevallen. De organisaties waarschuwen dat het huidige tijdspad van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) voor de invoering van de EHDS het risico met zich meebrengt dat de implementatie uiteindelijk in korte tijd moet plaatsvinden. Dat leidt volgens hen nu tot vertraging en later tot grote uitvoeringsdruk, terwijl de zorgsector daar nog onvoldoende op is voorbereid.
Aansluiting op bestaand beleid
In hun brief roepen de partijen het ministerie daarom op sneller te handelen dan de wettelijke deadlines voorschrijven. De zorgpartijen benadrukken daarnaast dat de invoering van de EHDS goed moet aansluiten op bestaand beleid. In het kader van de EHDS wordt gewerkt aan een centrale opt-outvoorziening, terwijl zorgpartijen onder de Wet Kwaliteitsregistratie in de zorg (Wkz) al vanaf 1 januari 2027 met een opt-out moeten werken zonder dat zo’n centrale voorziening beschikbaar is.
Daardoor dreigen zorgaanbieders eerst zelf een systeem te moeten ontwikkelen dat een jaar later weer vervangen wordt door de centrale EHDS-voorziening. Volgens de partijen leidt dat tot onnodige administratieve lasten die voorkomen kunnen worden.
Oproepen
De tien zorgpartijen vragen de Tweede Kamer daarnaast om de minister aan te sporen werk te maken van deze knelpunten. Ook pleiten zij voor versnelling op meerdere onderdelen van de digitalisering van de zorg. Daarbij noemen de organisaties onder meer sterkere landelijke regie en sturing, actiever toezicht op de ICT-markt, meer standaardisatie en eenheid van taal, snellere opschaling van bewezen oplossingen en structurele financiering daarvan. Daarnaast moet volgens de partijen de uitvoerbaarheid voor zorgverleners en patiënten beter worden geborgd.
In maart schreven we ook over een oproep van UMCNL aan de Tweede Kamer om de VWS-begroting voor 2026 bij te sturen. Volgens voorzitter Helen Mertens staat de zorg voor grote uitdagingen, terwijl middelen voor pandemische paraatheid juist worden wegbezuinigd. UMCNL waarschuwde toen dat dit geen recht doet aan de lessen uit de coronacrisis en riep op om Nederland beter voor te bereiden op toekomstige grootschalige gezondheidscrises.