Digitalisering, medische technologie en onderzoek moeten helpen om de zorg toegankelijk te houden bij oplopende personeelstekorten en zorguitgaven. Branche- en koepelorganisaties onderschrijven die door het kabinet gekozen richting in hun reacties op de Miljoenennota en VWS-begroting voor 2027. Tegelijkertijd waarschuwen zij dat technologie alleen effect heeft als er voldoende kennis, implementatiecapaciteit, passende bekostiging en bestuurlijke continuïteit beschikbaar zijn.
De VWS-begroting bevat plannen voor onder meer elektronische gegevensuitwisseling, een landelijk dekkend netwerk, persoonlijke gezondheidsomgevingen, medische technologie, AI en digitale veiligheid. Zoals ICT&health eerder beschreef in een analyse van de begrotingsstukken, staan tegenover deze ambities grote vragen over uitvoerbaarheid, structurele financiering en de ruimte voor zorgorganisaties om daadwerkelijk te veranderen.
Digitale uitvoering
Vilans gaat van alle organisaties het uitvoerigst in op digitalisering en innovatie. Het kennisinstituut voor de langdurige zorg en ondersteuning ziet in de begrotingsstukken investeringen in digitale en gestandaardiseerde gegevensuitwisseling. Ook wordt technologie genoemd bij valpreventie, avond-, nacht- en weekendzorg, langer zelfstandig wonen, de opleiding van medewerkers en het verminderen van administratieve lasten.
Volgens Vilans moet de aandacht echter verschuiven van het beschikbaar stellen van technologie naar het daadwerkelijk anders organiseren van zorg. Daarvoor zijn interoperabiliteit, gegevensbeschikbaarheid en borging in werkprocessen nodig. Ook moeten medewerkers over de juiste digitale competenties beschikken.
Daarnaast vraagt Vilans om blijvend onderzoek naar de waarde van hybride zorg. Niet alleen de technische werking moet worden aangetoond, maar ook de opbrengst voor cliënten, zorgprofessionals, mantelzorgers en organisaties. Implementatiecapaciteit en passende bekostiging zijn daarbij cruciaal. Het instituut waarschuwt dat middelen voor kennis, onderzoek en innovatie onder druk staan. Bezuinigen op leren en kennisontwikkeling kan volgens Vilans de gewenste transformatie juist vertragen.
Inzicht in medicatiegegevens
De KNMP noemt vooral de investeringen in ICT en veilige, gestandaardiseerde gegevensuitwisseling. Daarbij gaat het concreet om het programma Medicatieoverdracht en VIPP Farmacie. De VWS-begroting reserveert hiervoor in 2027 respectievelijk 35,6 miljoen en 14,7 miljoen euro.
Medicatieoverdracht moet zorgverleners en patiënten toegang geven tot actuele en volledige medicatieoverzichten en toedienlijsten. VIPP Farmacie is gericht op veiligere en efficiëntere farmaceutische patiëntenzorg en een sterkere informatiepositie voor patiënten.
De KNMP verbindt digitalisering daarnaast indirect aan leveringszekerheid. De organisatie wijst op investeringen in voorraden van kritieke geneesmiddelen en het Landelijk Coördinatiecentrum Geneesmiddelen. Op AI of cybersecurity gaat de apothekersorganisatie in haar reactie niet afzonderlijk in.
Ook artsenfederatie KNMG noemt standaardisatie van gegevensuitwisseling als een positieve beleidsrichting. Daarnaast steunt zij het voornemen om de regeldruk te verminderen. Een nadere visie op digitale zorg, AI of informatiebeveiliging ontbreekt in de reactie. De nadruk ligt vooral op personeelstekorten, onvoldoende opleidingsplaatsen en de financiële toegankelijkheid van zorg.
Beter innovatieklimaat
UMCNL ziet duidelijke kansen in de investeringen in medtech, biotech, innovatieve campussen, het Nationaal Groeifonds en het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie. Daarmee kan Nederland volgens de umc’s zijn internationale positie behouden en medische en maatschappelijke doorbraken realiseren.
Daarvoor moeten wel de juiste randvoorwaarden aanwezig zijn. UMCNL noemt specifiek databeschikbaarheid en vermindering van de regeldruk. Bovendien zijn voorspelbaar beleid en voldoende financiële ruimte nodig om onderzoek, innovatie en valorisatie langdurig vol te houden.
Het Radboudumc sluit zich daarbij in een reactie aan. Het Nijmeegse umc is positief over de investeringen in medtech en biotech, maar plaatst deze tegenover een stapeling van bezuinigingen. Volgens CFO Lot Winkel moet daarom worden besproken welke keuzes nodig zijn om de rol van umc’s als kennisinstituut en innovator te behouden.
Die waarschuwingen hebben betrekking op een centrale spanning in de begroting. Het kabinet verwacht dat innovatie bijdraagt aan arbeidsbesparing, passende zorg en economische groei. Tegelijkertijd kunnen bezuinigingen op onderzoek, opleidingen en kennisinfrastructuur het vermogen om die vernieuwingen te ontwikkelen en toe te passen beperken.
Werkvloer leidend
De Federatie Medisch Specialisten (FMS) steunt de beweging naar passende zorg, maar waarschuwt voor meer centrale regelgeving en sturing. Volgens de Federatie ontstaat veel vernieuwing juist op de werkvloer. Als voorbeelden noemt zij regionale samenwerking, digitale keuzehulpen en monitoring op afstand, waarmee onnodige ziekenhuisbezoeken kunnen worden voorkomen.
Dergelijke initiatieven lopen volgens de Federatie regelmatig vast omdat zorgverzekeraars terughoudend zijn met vergoeding wanneer de financiële opbrengst niet direct aantoonbaar is. Daarmee legt de organisatie een belangrijk knelpunt bloot: technisch werkende digitale zorg is nog niet automatisch structureel ingebed of bekostigd.
De Federatie gaat in haar eigen reactie niet specifiek in op AI, cybersecurity of de geplande digitale infrastructuur. Deze onderwerpen staan wel uitgebreid in het door haar samengestelde overzicht van relevante begrotingspassages.
Zorg thuis
ZN roept de politiek op vast te houden aan de bestaande zorgakkoorden. De zorgverzekeraars noemen digitale zorg expliciet als een van de middelen om de toegankelijkheid van zorg te behouden. Ook willen zij transparantere wachtlijsten en een hardere aanpak van zorgfraude.
De reactie bevat geen nadere uitwerking van bijvoorbeeld AI, gegevensstandaarden of cybersecurity. De belangrijkste boodschap is bestuurlijke continuïteit: zorgorganisaties en verzekeraars moeten gemaakte afspraken kunnen uitvoeren zonder dat beleid en begrotingen voortdurend veranderen.
Ook brancheorganisatie ActiZ (onder meer langdurige zorg, revalidatie) plaatst digitalisering binnen de uitvoering van de zorgakkoorden. De brancheorganisatie voor de langdurige zorg ondersteunt de beweging naar meer digitale zorg dicht bij huis. Technologie wordt daarbij vooral gezien in samenhang met preventie, samenwerking en het grote personeelstekort in de ouderenzorg.
ActiZ bespreekt geen specifieke technologieën. De organisatie vraagt vooral om ruimte voor professionals en zorgorganisaties om verder te bouwen op bestaande veranderingen. Nieuwe regels of koerswijzigingen kunnen die beweging volgens ActiZ afremmen. Tegelijkertijd waarschuwt zij dat financiële drempels voor wijkverpleging en het schrappen van huishoudelijke hulp de toegankelijkheid van zorg kunnen aantasten.
Weerbare zorg
Het eerdergenoemde UMCNL is de enige organisatie die cyberaanvallen expliciet in een bredere weerbaarheidsopgave plaatst. Naast pandemieën noemt de koepel militaire en geopolitieke crises, grootschalige stroomuitval en extreem weer. De zorg moet volgens UMCNL tijdens dergelijke verstoringen kunnen blijven functioneren en snel kunnen opschalen.
Deze oproep sluit aan op de extra middelen in de begroting voor pandemische paraatheid, medische voorraden en het programma Weerbare Zorg. UMCNL vindt de aanpak echter nog te beperkt en vraagt om meer urgentie, landelijke regie en een bredere benadering van zorgcontinuïteit.
Opvallend is dat de andere organisaties nauwelijks afzonderlijk ingaan op cybersecurity of digitale weerbaarheid. Ook de ethische en juridische vragen rond AI krijgen vrijwel geen aandacht, terwijl de begroting wel inzet op de implementatie en opschaling van passende AI-toepassingen en op de invoering van de Europese AI-verordening.
Andere prioriteiten
De Nederlandse ggz behandelt in haar reactie geen concrete digitale of technologische onderwerpen. De organisatie richt zich voornamelijk op mentale gezondheid, jeugdzorg, wonen, arbeidsmarktbeleid en structurele financiering van mentale gezondheidsnetwerken en bemoeizorg.
Belangrijk is volgens de brancheorganisatie dat mentale gezondheid niet uitsluitend als zorgvraag wordt benaderd. Ook wonen, werk, onderwijs, bestaanszekerheid en sociale omstandigheden moeten onderdeel zijn van het beleid. Verder waarschuwt de organisatie dat de bezuinigingen op jeugdzorg en een mogelijke eigen bijdrage de toegang tot specialistische hulp kunnen verslechteren.
Koepelorganisaties Ieder(in) en MIND en Patiëntenfederatie Nederland zijn vooral kritisch op de Miljoenennota, zonder specifiek op digitale aspecten, innovatie of weerbaarheid in te gaan. Volgens de organisaties dreigen mensen met een beperking, chronische ziekte of psychische kwetsbaarheid en hun naasten verder op kosten te worden gejaagd. Zij wijzen vooral op de voorgenomen hoge inkomensafhankelijke eigen bijdragen voor de Wmo, jeugdzorg en wijkverpleging en het afschaffen van de aftrek voor specifieke zorgkosten vanaf 2028.
Het uitstel van de extra verhoging van het eigen risico neemt hun zorgen niet weg: door de inflatie stijgt dat alsnog. De organisaties vragen het kabinet de maatregelen te schrappen en de toegankelijkheid van zorg en ondersteuning te waarborgen. Digitalisering en innovatie worden in hun gezamenlijke reactie niet expliciet genoemd.
Implementatie doorslaggevend
Over de volle breedte steunen branche- en koepelorganisaties de beweging naar passende, hybride en meer digitaal ondersteunde zorg. De grootste zorgen gaan echter niet over een gebrek aan technologische mogelijkheden. Ze gaan over de voorwaarden om innovaties duurzaam in te voeren.
Daarbij keren steeds dezelfde thema’s terug: voldoende kennis, toegang tot gegevens, ruimte voor professionals, passende bekostiging, minder regeldruk en langjarig voorspelbaar beleid. Juist daar lijkt de komende jaren de belangrijkste toets voor het kabinetsbeleid te liggen. Niet de aanwezigheid van digitale ambities, maar de vraag of zorgorganisaties voldoende mensen, middelen en veranderkracht krijgen om deze in de praktijk waar te maken.
Voeg ICT&health toe aan Google
Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.