De Europese Commissie start een vierjarig programma om medische technologie en biotechnologie beter met elkaar te verbinden en innovaties sneller van onderzoek naar klinische toepassing en marktintroductie te brengen. De European Med-Biotech Accelerator moet daarvoor bestaande onderzoeksinfrastructuren, biotechclusters, medtechbedrijven en andere partijen uit verschillende Europese landen bij elkaar brengen.
De pilot maakt deel uit van de Europese Competitiveness Coordination Tool (CCT). Aanleiding is een probleem dat ook buiten Europa regelmatig speelt: er wordt veel nieuwe technologie ontwikkeld, maar de stap van veelbelovend onderzoek naar een gevalideerd en schaalbaar product blijkt aanzienlijk moeilijker.
Volgens de Europese Commissie realiseerde de Europese medtechsector in 2024 een omzet van 170 miljard euro en biedt de sector werk aan meer dan 900.000 mensen. Sinds 2014 zou de omzet met ongeveer 60 procent zijn gegroeid. Ook biotech groeit volgens de Commissie sneller dan de Europese economie als geheel. Tegelijkertijd lukt het Europa nog onvoldoende om de aanwezige kennis, infrastructuur en innovaties om te zetten in marktklare producten.
Infrastructuren met elkaar verbinden
De accelerator moet in eerste instantie bestaande infrastructuren en expertise beter met elkaar verbinden. Daarbij gaat het onder meer om biotechclusters en innovatiehubs, medtech-mkb, onderzoeksinstellingen voor preklinisch onderzoek en centra die zich richten op het vertalen van wetenschappelijke resultaten naar klinische toepassingen. Vervolgens worden twee concrete medtech-biotechprojecten ondersteund en gevalideerd. De Europese Commissie noemt oncologie en cardiovasculaire aandoeningen als mogelijke toepassingsgebieden. De projecten moeten vanaf een relatief vergevorderd onderzoeksstadium worden begeleid richting industriële validatie.
Dat kan bijvoorbeeld leiden tot nieuwe precisiediagnostiek waarmee kanker met enkele druppels bloed kan worden opgespoord of tot biologische hartpatches die beschadigd hartweefsel moeten herstellen of regenereren. Dit zijn voorbeelden van mogelijke uitkomsten die de Commissie noemt en geen reeds geselecteerde producten binnen de accelerator.
De planning loopt tot 2029. In 2026 ligt de nadruk op het in kaart brengen en verbinden van relevante partijen. In 2027 moet de pilot daadwerkelijk worden ingericht en toegang tot infrastructuren worden georganiseerd. Voor 2028 staan industriële validatie en verdere klinische studies op de agenda. Een jaar later moet de aandacht verschuiven naar commerciële strategieën en het gereedmaken van innovaties voor klinische toepassing.
Toepassen en opschalen
De omvang van de Europese onderzoeksactiviteit is volgens de Commissie niet het belangrijkste probleem. In 2025 werden bij het Europees Octrooibureau duizenden octrooiaanvragen ingediend op het gebied van zowel medische technologie als biotechnologie. De uitdaging ligt vooral bij de volgende stappen: expertise en infrastructuur bundelen, producten valideren, investeringen aantrekken en uiteindelijk opschalen. De accelerator moet daarom ook na de twee eerste projecten waarde houden. De bedoeling is dat de verbonden infrastructuren een langdurig Europees netwerk vormen dat later meer medtech- en biotechontwikkelaars kan ondersteunen.
Het initiatief van de EU past bij de Europese plannen om de biotechsector te versterken. De pilot moet onder meer voortbouwen op investeringsambities uit het voorstel voor de Europese Biotech Act. De Commissie verwijst daarbij ook naar BioTechEU van de Europese Investeringsbank, waarmee in 2026 en 2027 in totaal 10 miljard euro voor de biotechsector moet worden gemobiliseerd. De nadruk op opschaling is relevant omdat Europa al over omvangrijke publieke en private onderzoeksinfrastructuren beschikt. De accelerator moet bestaande voorzieningen daarom niet vervangen, maar beter verbinden en toegankelijk maken.
Nederland investeert ook in opschaling
Die Europese aanpak vertoont overeenkomsten met ontwikkelingen in Nederland. Het kabinet maakte afgelopen zomer bekend 102,5 miljoen euro te investeren in versterking van de Nederlandse medtechsector. De investering loopt tot en met 2036. Het bedrijfsleven wordt geacht minimaal een vergelijkbaar bedrag bij te dragen. Philips kondigde al een investering van 50 miljoen euro aan.
Ook die Nederlandse strategie draait niet uitsluitend om het ontwikkelen van nieuwe technologie. Overheid, bedrijven, kennisinstellingen en zorgorganisaties moeten samen één medtech-ecosysteem vormen waarin innovaties gemakkelijker kunnen worden getest, geïmplementeerd en opgeschaald. Verbetering van data-infrastructuren, klinische testcapaciteit en randvoorwaarden voor AI en interoperabiliteit behoren tot de aandachtspunten.
De Nederlandse investering en de European Med-Biotech Accelerator opereren op verschillende niveaus en zijn afzonderlijke initiatieven. Ze illustreren wel dezelfde bredere uitdaging: wetenschappelijke kennis en technologische innovatie zijn niet automatisch voldoende om nieuwe medische toepassingen bij patiënten te krijgen. De Europese accelerator probeert juist die tussenfase beter te organiseren. De komende jaren moet blijken of het koppelen van bestaande infrastructuren en expertise daadwerkelijk kan voorkomen dat veelbelovende innovaties blijven steken tussen onderzoek, klinische validatie en marktintroductie.
Referenties
Voeg ICT&health toe aan Google
Toon meer content van ICT&health in Google Zoeken.