AI-chatbots worden steeds vaker ingezet voor emotionele ondersteuning, vriendschap en zelfs gezelschap. Maar uit een nieuwe studie van Stanford University blijkt dat deze digitale metgezellen niet voor iedereen een positief effect hebben. Vooral mensen met een klein sociaal netwerk die AI vooral gebruiken als vervanging van menselijk contact, blijken zich juist eenzamer en psychisch minder goed te voelen.
De onderzoekers analyseerden vragenlijsten van 1.131 gebruikers van Character.AI en bijna 465.000 chatberichten. Hoewel minder dan 12 procent aangaf de chatbot primair voor gezelschap te gebruiken, omschreef meer dan de helft de AI als een vriend, metgezel of zelfs romantische partner. Meer dan 80 procent van de geanalyseerde gesprekken draaide om emotionele of sociale steun.
Volgens de onderzoekers hangt het effect van AI-gebruik sterk af van de manier waarop mensen de technologie inzetten. Intensief gebruik bleek op zichzelf niet problematisch. Gebruikers die AI vooral inzetten voor productiviteit of persoonlijke ontwikkeling scoorden juist relatief goed op psychologisch welzijn. Bij deelnemers die AI-companions vooral als sociaal gezelschap gebruikten én weinig sociale contacten buiten de chatbot hadden, werd echter een duidelijk lagere mate van welzijn gemeten.
Volgens het onderzoek bieden AI-companions weliswaar een gevoel van verbondenheid, maar ontbreekt de wederkerigheid die menselijke relaties kenmerkt. Bovendien zijn veel AI-companions ontworpen om gebruikers zo lang mogelijk in gesprek te houden, waardoor onderliggende oorzaken van eenzaamheid niet worden aangepakt. De onderzoekers onderzoeken daarom welke veiligheidsmaatregelen, zoals gebruikslimieten of het doorverwijzen naar menselijke hulp, kwetsbare gebruikers beter kunnen beschermen.
Wetenschappelijk beeld niet eenduidig
De resultaten passen binnen een snelgroeiend onderzoeksveld waarin de conclusies nog niet allemaal dezelfde kant op wijzen. Zo concludeerden Zuid-Koreaanse onderzoekers eerder dit jaar juist dat sociale AI-chatbots gevoelens van eenzaamheid en sociale angst bij studenten konden verminderen. In dat onderzoek daalden de eenzaamheidsscores gemiddeld met 15 procent en de sociale angst met 18 procent.
Volgens de onderzoekers kunnen AI-chatbots, mits verantwoord toegepast, een waardevolle aanvulling vormen voor mensen die moeite hebben met persoonlijk contact. Tegelijk benadrukken ook zij dat meer onderzoek nodig is naar de langetermijneffecten.
Ook in Nederland groeit gebruik
Dat AI steeds vaker wordt ingezet voor mentale ondersteuning blijkt ook uit een peiling vorig jaar van MIND onder Nederlandse Instagram-gebruikers met psychische klachten. Ruim een derde van de respondenten (36 procent) gaf aan weleens met een AI-chatbot over mentale problemen te praten. Van deze groep ervaart 44 procent de gesprekken als behulpzaam, terwijl nog eens 33 procent ze enigszins ondersteunend vindt.
Gebruikers noemen vooral de laagdrempeligheid als voordeel: AI is altijd beschikbaar, reageert zonder oordeel en biedt anonimiteit. Tegelijkertijd waarschuwt MIND dat AI geen vervanging is voor professionele geestelijke gezondheidszorg. De organisatie wijst op risico's rond privacy, onbetrouwbare adviezen en mogelijke vooroordelen in AI-systemen en pleit voor meer onderzoek naar veilige en verantwoorde toepassingen.
Daarmee sluiten de Nederlandse bevindingen aan bij de oproep van de Stanford-onderzoekers om AI vooral te zien als een mogelijke aanvulling op menselijke ondersteuning, en niet als vervanging.
Auteur